Er is nog geen zinvol invoedingstarief gevonden en de tijd raakt op – reactie NVDE op ACM

9 januari 2026

Er is vooralsnog geen invoedingstarief gevonden dat de energietransitie helpt of op een andere manier netto positieve maatschappelijke effecten heeft. Dat stelt de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE) bij het sluiten van de consultatie van de Autoriteit Consument & Markt (ACM) op dit onderwerp. Met een invoedingstarief leveren producenten van elektriciteit (naast afnemers) een bijdrage aan de kosten voor het elektriciteitsnet. NVDE-voorzitter Olof van der Gaag: “We hebben constructief meegezocht naar vormen van een invoedingstarief die wel kunnen werken voor de transitie, maar zonder succes. Door de onzekerheid over het tarief zit de wind- en zonnesector inmiddels op slot, en ook elektrificerende bedrijven hebben er last van. Als er geen variant van het tarief te vinden is die wel aan de eisen voldoet, wordt het wat ons betreft tijd om dit proces te stoppen en nu geen nationaal invoedingstarief in te voeren.”

Vandaag sluit de termijn voor een consultatie van de ACM over een mogelijk in te voeren invoedingstarief. Redenen vanuit de ACM om naar een invoedingstarief te kijken zijn het beter verdelen van de kosten van het net over degenen die die kosten veroorzaken, het indirect laten meebetalen van buitenlandse afnemers van Nederlandse elektriciteitsproductie, en een efficiëntere benutting van het elektriciteitsnet. Daarnaast kunnen bij een invoedingstarief de nettarieven voor afnemers omlaag, wat gunstig is voor elektrificatie. Er zijn ook nadelen: een invoedingstarief leidt tot minder rendabele zon- en windprojecten (bestaande en nieuwe) en kan daardoor de uitrol van hernieuwbare elektriciteit vertragen. En het kan de kosten van elektrificatie verhogen doordat de elektriciteitsprijs omhoog gaat wanneer elektriciteitsproducenten het invoedingstarief doorgeven aan hun afnemers. Dit effect kan er zelfs voor zorgen dat de netto kosten voor elektriciteitsgebruikers stijgen in plaats van dalen, waardoor ook elektriciteitsgebruikers niet gebaat zijn bij invoering van het tarief.

Een invoedingstarief heeft, ons inziens, alleen nut wanneer er een tariefvorm en -hoogte worden gevonden die aan twee criteria voldoet:

  • Het verbetert aantoonbaar de efficiëntie van het gebruik van het elektriciteitsnet, én
  • Het frustreert niet de groei van vraag en aanbod van (duurzame) elektriciteit, oftewel het verhoogt niet de netto kosten van elektrificatie en is voldoende draaglijk voor producenten van wind- en zonnestroom.

In het traject van inmiddels anderhalf jaar dat er naar een invoedingstarief wordt gekeken, is er géén vorm van een invoedingstarief gevonden die aantoonbaar aan deze twee criteria voldoet. Tot nu toe bekeken varianten hebben een onduidelijk effect op de netefficiëntie, leiden netto tot hogere kosten voor gebruikers van elektriciteit en zijn buitengewoon ongunstig voor bestaande en nieuwe productie van wind en zon.

Bovendien zorgt de discussie over het invoedingstarief voor onzekerheid in de markt. Bedrijven die willen elektrificeren hebben te maken met ongunstige marktomstandigheden maar kunnen niet beoordelen wat ze kunnen verwachten van een invoedingstarief. En voor wind- en zonprojecten is het niet goed mogelijk om het verdienvermogen van projecten in te schatten, waardoor bestaande installaties niet verhandelbaar zijn en nieuwe investeringsbeslissingen niet kunnen worden genomen.

Het is dus van belang dat de ACM op korte termijn duidelijkheid creëert. Wat de NVDE betreft is deze consultatie de laatste ronde: als er op basis van de inbreng van diverse partijen nog steeds geen variant van het invoedingstarief is te vinden die wel aan de criteria voldoet, wordt het tijd om dit proces te beëindigen en nu geen nationaal invoedingstarief in te voeren.

De NVDE-consultatiereactie vindt u hier. De volledige consultatiereacties van alle partijen die gereageerd hebben zijn binnenkort te vinden op de website van de ACM.


Misschien ook interessant