Cindy Kroon is sinds deze maand namens de energieleveranciers bestuurslid van de NVDE geworden. Ze werkt al 23 jaar in de energiesector en is de huidige CEO van Vattenfall Nederland. In deze rol spreekt ze regelmatig klanten die zich zorgen maken over hun energierekening of de toekomst van hun energievoorziening. En juist die ervaringen wil ze meenemen naar het bestuur van de NVDE: “In de energietransitie praten we vaak vanuit techniek, beleid of systemen. Maar uiteindelijk gaat het om mensen.” Volgens Kroon ligt de sleutel tot versnelling in betere samenwerking, een gezamenlijk verhaal en meer aandacht voor de klant.
Waar kijkt u het meest naar uit in de samenwerking met de andere bestuursleden en de leden van de NVDE?
“Samenwerking is in deze fase van de energietransitie ongelooflijk belangrijk. We hebben elkaar hard nodig, omdat alles met elkaar samenhangt en het steeds ingewikkelder wordt. Het lukt niet meer om vraagstukken in losse stukjes op te knippen. Als ik eraan kan bijdragen dat die samenwerking nog beter wordt, zodat we de snelheid van de energietransitie kunnen vasthouden en waar mogelijk kunnen versnellen, dan zet ik mij daar graag voor in.”
Veel huishoudens maken zich zorgen over hun energierekening. Wat hoort u daarover terug van klanten?
“Mensen melden zich zeker bij ons. Met zorgen, angst, boosheid, teleurstelling en vragen. Er zijn veel mensen die zich afvragen waarom hun rekening stijgt, hoe een warmtepomp precies werkt en wat dat betekent voor hun maandlasten.
Tegelijkertijd zien we dat de uitdagingen niet verdwijnen. De gasprijs is na de oorlog in Oekraïne niet meer teruggekeerd naar het oude niveau. Door de sluiting van Groningen, de afhankelijkheid van vloeibaar aardgas, hogere belastingen en investeringen in infrastructuur blijft energie een aandachtspunt. Er was al een grote groep mensen die moeite had om de energierekening te betalen en die zorgen zijn niet weg. Daarom moeten overheid, netbeheerders en leveranciers consequent hetzelfde verhaal blijven vertellen. Er is uiteindelijk maar één goed pad vooruit en dat is verduurzaming. Mensen, en zeker ook bedrijven, hebben daarbij hulp, uitleg en advies nodig. Dat geven wij dagelijks.”
We leven in een periode van geopolitieke onzekerheid en druk op het energiesysteem. Wat ziet u als de grootste uitdagingen voor de energietransitie in Nederland?
“De grootste uitdaging is om met elkaar in hetzelfde tempo en met hetzelfde vertrouwen vooruit te blijven gaan. De energietransitie raakt alles en iedereen. Het energiesysteem verandert, de vraag neemt toe, er zijn geopolitieke spanningen en tegelijkertijd moeten we blijven investeren. De uitdaging is niet alleen technisch. We weten vaak wel wat er moet gebeuren, maar het lukt nog niet altijd om alle krachten op de juiste manier bij elkaar te brengen en vervolgens ook te versnellen.
Daarnaast zie ik dat we nog te vaak vanuit onze eigen rol praten. Leveranciers praten vanuit leveranciers, netbeheerders vanuit netbeheerders en andere partijen vanuit hun eigen perspectief. Voor de samenleving wordt het daardoor steeds lastiger te begrijpen. Mensen horen verschillende boodschappen en vragen zich af wat nu eigenlijk de richting is. We moeten zorgen dat we gezamenlijk dezelfde boodschap uitdragen en de energietransitie als één beweging begeleiden.”
Hoe moeten we mensen helpen die niet zoveel te kiezen hebben, bijvoorbeeld omdat ze in een huurhuis wonen of niet veel te besteden hebben?
“We moeten oppassen te doen alsof er niets gebeurt, want er zijn juist veel initiatieven die gericht zijn op mensen die zelf niet kunnen investeren in verduurzaming. Er zijn woningcorporaties, gemeenten, subsidieprogramma’s, isolatiefondsen en Europese middelen die juist voor deze groepen bedoeld zijn. De uitdaging is dat die hulp nog niet altijd terechtkomt bij de mensen die dit het hardst nodig hebben.
Daarom vonden wij bijvoorbeeld het Noodfonds Energie zo belangrijk, waarmee huishoudens in de energiecrisis die de energierekening niet konden betalen werden geholpen door het bijspringen van energieleveranciers en de overheid. Dat werd soms weggezet als pleister plakken, maar het plakte tenminste een pleister. Tegelijkertijd moet het natuurlijk niet bij tijdelijke ondersteuning blijven. We moeten ervoor zorgen dat alle middelen die beschikbaar zijn beter op elkaar aansluiten, zodat juist deze huishoudens kunnen verduurzamen.”
Hoe kijkt u naar de rol van warmtenetten in de energietransitie? Welke rol ziet u (nog) voor Vattenfall?
“Warmtenetten zijn een prachtige technologie en Nederland kan niet zonder collectieve warmte. Daarom vind ik het jammer dat het debat vaak wordt teruggebracht tot de gedachte dat alles goedkoper wordt zodra het geheel of gedeeltelijk publiek wordt. Volgens mij klopt dat beeld niet en is daar ook voldoende onderzoek naar gedaan. Tegelijkertijd is er nu wel duidelijkheid gekomen over de richting die politiek is gekozen en dat is belangrijk voor de continuïteit.
Voor Vattenfall geldt dat wij collectieve warmte belangrijk vinden voor Nederland, maar dat wij voor onszelf geen rol meer in die toekomstige structuur. Wij zijn een private onderneming en wachten daarom af hoe het eigenaarschap zich verder ontwikkelt. Zonder warmtenetten worden alternatieven vaak duurder en ingewikkelder. Daarom moet vooral dat eigenaarschapsvraagstuk worden opgelost, zodat Nederland weer verder kan met de ontwikkeling van collectieve warmte.”
Wat is het belang van zon en wind op land en welke toekomst hebben ze in Nederland?
“We hebben in Nederland simpelweg niet de luxe om technologieën uit te sluiten. Er blijft een rol voor zon en wind op land, op plekken waar dat mogelijk is. Natuurlijk moeten we daarbij goed kijken naar bezwaren van omwonenden en samen zoeken naar manieren waarop projecten kunnen worden ingepast, maar helemaal uitsluiten kan niet. We hebben alles nodig. Tegelijkertijd moeten we slim omgaan met de ruimte die we hebben. Daarom kijken wij steeds meer naar combinaties van technologieën. Bijvoorbeeld in energiehubs en met zonneparken gecombineerd met windmolens en batterijen. En energieopwekking in combinatie met landbouw.”
Netcongestie staat hoog op de agenda. Hoe kijkt u naar deze uitdaging en wat vraagt dit van energiebedrijven, netbeheerders en politiek?
“Netcongestie is een groot vraagstuk, vooral richting de toekomst. De vraag naar elektriciteit neemt toe door warmtepompen, elektrische auto’s en elektrificatie van bedrijven. Natuurlijk moet er worden gebouwd en geïnvesteerd in het net, maar ik denk dat we moeten voorkomen dat we alles proberen op te lossen door alleen maar meer kabels in de grond te leggen. We weten namelijk ook dat het net nog lang niet optimaal benut wordt en dat de problemen zich vooral op specifieke momenten voordoen.
We moeten ons richten op de grootste pieken en die gericht aanpakken. Het grootste probleem voor het net zit op dit moment bijvoorbeeld bij het laden van elektrische auto’s tijdens piekuren. Dan moet je daar beginnen. Ik ben daarom kritisch op hele ingewikkelde oplossingen die voor iedereen nieuwe systemen, regels en tarieven introduceren. De energierekening is al ingewikkeld genoeg. We moeten het juist eenvoudiger maken en gericht sturen op het gedrag dat echt verschil maakt.”
Wat wordt de kern van uw inbreng in het bestuur van de NVDE?
“Ik denk dat ik vooral het perspectief van de eindgebruiker van energie zal inbrengen. In de energiesector werken veel bevlogen mensen die technisch zeer deskundig zijn, maar ik zie ook dat we vaak vergeten wat beleid, regelgeving en communicatie betekenen voor consumenten en bedrijven. Wij horen dagelijks waar mensen tegenaan lopen. Die praktijkervaring wil ik graag inbrengen. Daarnaast hoop ik eraan bij te dragen dat we als sector meer met één mond spreken en met meer gezamenlijke regie naar buiten treden. Dat zou voor de energietransitie én voor de samenleving een enorme stap vooruit zijn.”
Hoe kunnen we het verhaal van de energietransitie minder technisch uitdragen?
“Veel communicatie in de energietransitie is geschreven vanuit techniek, beleid of systemen, terwijl mensen vooral willen weten wat het concreet voor hen betekent: thuis, financieel en in hun dagelijkse leven. We stoppen enorm veel energie in technologische ontwikkelingen, maar veel minder in de vraag hoe we mensen daarin meenemen. Terwijl juist dat zo belangrijk is.”
U werkt al meer dan twintig jaar in de energiesector. Hoe houdt u uw blik een beetje fris?
“Door met klanten te blijven praten. Dat houdt mij misschien wel het meest scherp. Als mensen boos zijn, klachten hebben of vragen stellen, dan zie je direct waar dingen nog niet goed gaan. Dan merk je dat er geen enkele reden is om achterover te leunen en te denken dat alles geregeld is.”
