In een vol Pakhuis de Zwijger in Amsterdam waren zowel de sprekers als de zaal eensgezind: We wéten dat datacenters cruciaal zijn voor onze samenleving en economie. We wéten dat ze veel stroom gebruiken. Laten we er dan op toezien dat de sector zich zo ontwikkelt, dat de energietransitie er ook wat aan heeft. Gastheer en NVDE-voorzitter Olof van der Gaag daagde iedereen uit: “Laten we niet als konijnen in de koplopen kijken hoe die grote datacenters op ons afkomen. Maar kom op met je wensen en ideeën hoe we de kansen die deze ontwikkeling biedt kunnen verzilveren. En welke problemen we te tackelen hebben”.
Op zee
Die oproep was niet aan dovemans oren besteed. Wat volgde was een bruisend debat. Hans Timmers van ECHT zette de toon met een vlammend betoog om datacenters op zee te bouwen. “Ze staan nu nog allemaal op land, maar op de Noordzee is veel ruimte. Breng datacenters naar zee: op vier palen (zoals een booreiland) en modulair. En als je de stroom gelijk verbruikt, hoeft Tennet minder transformators te bouwen. Wat de netkosten drukt”.
Warmtenet
Ardine Nicolai van MeerEnergie legde uit hoe de bewoners uit haar coöperatie als eerste en enige woonwijk warmte gaan halen bij een datacenter (Equinix) om 5.000 woningen te verwarmen. “We zijn al tien jaar bezig en hopen volgende week te horen de Warmte Investeringen Subsidie te krijgen. Dan staan alle seinen op groen. Met makelaarsborden aan de woningen laten we zien hoeveel burgers al meedoen. We hebben al 1.500 startcontracten, als we de subsidie krijgen, is de verwachting nog veel meer mensen aanhaken”.
100% groene stroom
Een panelgesprek volgde. Annemarie Costeris van Microsoft vertelde hoe de datacenters waar haar bedrijf in Nederland gebruik van maakt op honderd procent groene stroom draait. 86% daarvan is ‘vers’ opgewekt, de uitdaging is de overige 14%. Het grote datacenters in Middenmeer levert ook restwarmte aan de kassen daar. Omdat die restwarmte van duurzame stroom afkomstig is, kun je met recht spreken over groene restwarmte.
Betalingsbereidheid is groot
Ook Kees Verhoeven van de Dutch Data Association (DDA) wees op de aanjagende rol die datacenters kunnen hebben voor de opwek van bijvoorbeeld wind op zee: “In Nederland draait de sector (bijna) helemaal op duurzame stroom. Onze betalingsbereidheid daarvoor is groot. Tegelijk zijn wij ons bewust van het beslag dat we leggen op het stroomnet. Maar ook daar zijn creatieve oplossingen voor mogelijk. Bijvoorbeeld door datacenters op verstandige plekken te bouwen. Namelijk daar waar stroom is. Wellicht op zee, maar zeker ook aan de kust”.
Noodstroomvermogen
Ook Bart van der Laan van netbeheerder Alliander zag kansen: “Wij netbeheerders maken geen onderscheid wie we aansluiten. Datacenters doen natuurlijk een groot beroep op het stroomnet, maar kunnen ook een grote bijdrage leveren aan de oplossingen. Hun noodvoorzieningen (backups)n zijn heel interessant voor ons, om het net te balanceren. We zouden er graag gebruik van maken. Je mag die generatoren (vanwege de stikstofregels) maar 500 uur per jaar gebruiken, maar als je ze verduurzaamt (met biodiesel, groen gas, of eventueel waterstofgas), zou je ze best vaker kunnen gebruiken. Met deze capaciteit kunnen we de wachtlijsten helpen wegwerken”.
Opsluiten in een hok
Van der Gaag pleitte aan het eind van het debat voor een soort scrumsessies over de rol van datacenters in de energietransitie: “We zien de kansen qua vraagcreatie, restwarmtelevering en hun noodstroomvoorzieningen. We kennen de reële zorgen over het beslag op het net en het ruimtebeslag. We hebben gezien hoeveel creatieve oplossingen er denkbaar zijn. Laten we zien hoe we een del kunnen maken waar de overheid geen nee tegen zeggen kan”.
Bijval alom. In de woorden van Costeris: “Sluit alle belanghebbenden maar op in een hok. Dan komen we eruit als we afspraken hebben. Wij werken daar graag aan mee”.
