Position papers

NVDE inbreng – Commissiedebat Waterstof, groen gas en andere energiedragers

Commissiedebat Waterstof, groen gas en andere energiedragers – 4 maart 2026

Nederland staat op een kruispunt. We willen betaalbare energie, een sterke industrie, perspectief voor boeren én minder afhankelijkheid van instabiele fossiele import. Opschaling van groen gas biedt een directe bijdrage aan klimaatdoelen, versterkt de landbouwtransitie en vermindert afhankelijkheid van buitenlandse energie. Groen gas is een veelzijdige alleskunner die met name sectoren kan helpen verduurzamen waar alternatieven schaars of duur zijn. Hernieuwbare waterstof is cruciaal voor de verduurzaming van de industrie en systeemstabiliteit op de lange termijn. Oranje-groene waterstof versterkt bovendien onze energie-onafhankelijkheid en onze geopolitieke positie.

Stimuleer de overstap op hernieuwbare waterstof

De jaarverplichting RFNBO (hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong) voor de industrie markeert een start voor groene waterstof in de industrie. Deze start is echter onvoldoende om de lidstaatverplichtingen in 2030 en 2035 te halen, zoals ook de Raad van State in een advies aangaf. Aangezien de kosten van groene waterstof duidelijk hoger zijn dan de kosten van grijze of blauwe waterstof, is support nodig om over te stappen. Het is goed dat naast de jaarverplichting en opschalingssubsidie OWE nu ook de vraagsubsidie STIHWI in beeld is.

De NVDE ondersteunt het doel van de STIHWI-vraagsubsidie om extra vraag naar hernieuwbare waterstof in de industrie te stimuleren boven op de jaarverplichting, maar verwacht in de huidige vorm een beperkte impact door de hoge complexiteit en vele beperkende voorwaarden. Het budget is ontoereikend, cruciale deadlines en massabalansvereisten zijn moeilijk haalbaar gezien de stand van infrastructuur, en uitsluitingen zoals die van chloor-alkali-waterstof werken contraproductief voor het halen van EU-doelen. De NVDE pleit daarom voor aanpassingen die de regeling uitvoerbaarder, inclusiever en effectiever maken voor snelle opschaling van hernieuwbare waterstof in de industrie. Voor volgende rondes pleiten we voor vereenvoudiging of alternatieve instrumenten, zoals een vereenvoudigde veiling, maatwerkdeals of een HWI-opkoopregeling.

Operationaliseer de groene waterstofambities richting 2035. Borg tijdige openstelling van instrumenten voor tenminste 1 GW richting 2030 en ontwikkel een passend kader voor 3-4 GW op strategische locaties richting 2035, met gecombineerde vraag- en aanbodstimulering.

Zorg dat groene waterstof ook groen gecertificeerd wordt

De ambitie voor 40 GW wind op zee vanuit het Coalitieakkoord is positief voor de ontwikkeling van groene waterstof. Wij hebben wel enkele aandachtspunten.

Wij vragen om actieve inzet vanuit Nederland richting EU om bij de eerstvolgende herziening van de Richtlijn Hernieuwbare Energie (RED IV) een Contract for Difference (CfD) binnen de RFNBO-eisen mogelijk te maken. Zolang een Contract for Difference (CfD) door de EU wordt gezien als subsidie, en hiermee elektriciteit uit zon en wind mogelijk wordt gemaakt, is waterstof die uit deze zonne- en windenergie volgt namelijk niet inzetbaar als RFNBO. Dit beïnvloedt het volume aan beschikbaar RFNBO in Nederland drastisch.

Start zo spoedig mogelijk op met offshore groene waterstofproductie. Dit helpt ook bij netcongestie of curtailment bij negatieve prijzen (9,5 PJ in 2025). De integratie van waterstofproductie dicht bij de bron op zee ondersteunt de verdere uitrol van wind op zee, en is in lijn met de ambities vanuit the North Sea Summit in Hamburg.

Zorg voor voortvarende uitrol van de waterstofinfrastructuur

Een mijlpaal! Het eerste tracé van de landelijke waterstofinfrastructuur, 32 km tussen de Tweede Maasvlakte en Pernis, is gereed en gevuld met groene waterstof. Klaar om de eerste klanten, invoeders en afnemers aan te gaan sluiten.

Om de gehele waterstofinfrastructuur vlot te kunnen bouwen is snellere vergunningverlening noodzakelijk, en een stikstofvrijstelling tijdens de bouwfase.

Het is goed dat door de ACM een start is gemaakt met de toekomstige marktordening en dat hierbij oog is voor het voorkomen van tariefsprongen, bijvoorbeeld middels intertemporale kostentoerekening met amortisatie (waarbij kosten worden verdeeld over meerdere jaren). Tijdige duidelijkheid geeft marktzekerheid, noodzakelijk voor investeringsbeslissingen zowel aan de zijde van elektrolysers als aan de zijde van afnemers.

Het is belangrijk om ook oog te hebben voor de offshore infrastructuurplanning van en tussen de andere negen landen die de Hamburg Declaratie ondertekend hebben. De planning van deze pijpleidingen is tevens essentieel voor de Nederlandse uitrol van wind op zee.

Versnel de vergunningverlening voor groen gasprojecten

De doorlooptijden van groen gasprojecten zijn te lang en vormen een belangrijke rem op opschaling. Dit staat haaks op de maatschappelijke baten die deze projecten opleveren.

Introduceer een stikstofvrijstelling voor de bouwfase van groen gasprojecten die in de exploitatiefase substantiële en structurele emissiereducties opleveren, zodat tijdelijke bouwemissies de realisatie van duurzame energieprojecten met grote structurele milieuvoordelen niet blokkeren.

Versnel de uitvoering van het Programma Groen Gas

Versnel het Programma Groen Gas van KGG. De belangrijkste voorwaarden voor het stimuleren van groengasproductie zitten hier immers al in: het mobiliseren van de grondstoffen, het vinden van productielocaties inclusief netaansluiting (zowel op het gasnet als het elektriciteitsnet), versnellen van vergunningprocedures en het werken aan publiek draagvlak. Daarbij is het ook belangrijk om betere samenhang te krijgen tussen de domeinen van KGG (hernieuwbare energie), LVVN (meststoffen) en I&W (afvalstoffen).

Actualiseer de Routekaart Groen Gas en neem in overleg met de sector versterkende maatregelen voor de productie van Nederlands groen gas.

Zorg voor een effectieve bijmengverplichting groen gas

Zorg dat doelstellingen en certificaten daadwerkelijk leiden tot extra productie en investeringszekerheid, met maximale stimulering van binnenlandse productie binnen Europese kaders.

Dit is essentieel voor de legitimiteit en om te voorkomen dat Nederlandse afnemers vooral betalen voor buitenlands groen gas. Bied duidelijkheid over tijdlijnen.

Borg de betaalbaarheid van de energierekening voor huishoudens na invoering van de bijmengverplichting, conform de breed aangenomen motie Postma.

Dit is een belangrijke randvoorwaarde. Om het effect van de bijmengverplichting op de energierekening van eindgebruikers beperkt te houden, is een snelle opschaling van het aantal groengasprojecten noodzakelijk. Extra binnenlands volume kan bijvoorbeeld worden gestimuleerd door de doelstelling te verhogen, of door de Terminalroute open te stellen voor groen gas. Houd daarbij de vinger aan de pols om te voorkomen dat de markt overspannen raakt.

Maak vaart met de behandeling van de bijmengverplichting voor ETS2-sectoren.

De bijmengverplichting is al twee keer uitgesteld en er ligt een krappe planning die ervoor moet zorgen dat de regeling in 2027 in werking kan gaan treden. Wij dringen daarom aan op spoedige behandeling.

Behoud toegang tot de SDE++ voor groen gas

Gegeven de onzekerheden in de verplichtingensystematiek zal groen gas de komende jaren deels afhankelijk blijven van subsidiëring via de SDE++ voor een sluitende businesscase.

Zorg dat groen gas een reële kans houdt binnen de SDE++. In de afgelopen ronde viel groen gas buiten de boot, wat financierbaarheid en projectontwikkeling ondermijnt.

Vergroot de budgettaire ruimte voor het domein ‘moleculen’. Zorg voor inzicht in de hoeveelheid projecten in de pijplijn, en pas zo nodig de ruimte binnen het hekje aan zodat kansrijke en essentiële projecten niet stranden door budgettaire schaarste.