Silvio Erkens, VVD: “Om 2030 te halen moet het tempo moordend hoog liggen”

“Echt blij,” is Silvio Erkens, VVD-Kamerlid, met het nieuwe regeerakkoord. En hij zit bij wijze van spreken te wippen op zijn stoel van ongeduld om het afgesproken klimaatbeleid verder uit te werken. “We hebben jarenlang gesproken over de ambities en het geld dat nodig is. Dat is er nu. Het komt nu aan op de uitvoering. Als je 2030 wilt halen, moet het tempo moordend hoog liggen de komende twaalf à achttien maanden. In de politiek, maar ook in het bedrijfsleven én bij de NVDE.” Er is 22 miljard euro vrijgemaakt om in één decennium de Nederlandse industrie tot één van de meest innovatieve van de wereld te maken. Erkens vindt het “super tof” om daarmee aan de slag te gaan. Ook is hij blij dat het taboe van kernenergie af is, en dat er een pragmatischer koers is gekozen voor het verduurzamen van gebouwen. Hij ziet dat de overheid een grotere rol gaat spelen in de energietransitie. Dat is nodig voor de leveringszekerheid en de verduurzaming. Binnen heldere kaders moet het bedrijfsleven volop aan de bak. De nieuwe minister heeft het wat Erkens betreft meteen heel druk in 2022: met maatwerkafspraken met de industrie, de Warmtewet, een toekomstbestendige energieinfrastructuur en met kernenergie. “De nieuwe minister mag zijn of haar borst nat maken.” 

Wat vindt u van het kersverse regeerakkoord?
“Ik ben echt blij met het klimaat- en energiestuk uit het regeerakkoord. Er is fors meer ambitie, mét de daarvoor benodigde middelen. En er is op een aantal onderwerpen een andere koers ingeslagen. Ten eerste kan kernenergie ingezet worden, als aanvulling op zonne- en windenergie. Het taboe is weggehaald. Daar ben ik ontzettend blij mee! Ten tweede gaan we de industrie vergroenen. Er is 22 miljard euro vrijgemaakt om in één decennium de Nederlandse industrie tot een van de meest innovatieve van de wereld te maken. Ik vind het super tof om daarmee aan de slag te gaan. Ten derde zat er zuur op de gebouwde omgeving. We verloren er draagvlak en het leverde weinig CO2-reductie op. We hebben een ander pad gekozen. We mikken nu op een meer pragmatische aanpak, met onder andere isolatie en hybride warmtepompen. Dat bespaart meer en we creëren meer steun van de mensen thuis.”

Waar is nadere uitwerking van het regeerakkoord het hardst nodig?
“Allereerst de maatwerkafspraken die in kort tijdsbestek met de tien tot twintig grootste vervuilers in Nederland tot stand moeten komen. Want investeringen in de daarvoor benodigde infrastructuurprojecten duren zo zes tot acht jaar. Dus er moeten volgend jaar al besluiten worden genomen om op tijd voor 2030 effecten te hebben. Ten tweede is uitwerking nodig in de wet- en regelgeving. De nieuwe Energiewet vergt nadere invulling en het oplossen van netcongestie is een enorm groot traject. Tot slot is voor kernenergie nadere uitwerking nodig. Er staat een kort zinnetje over in het regeerakkoord en er is vijf miljard voor uitgetrokken, maar er is nog veel in te vullen. Onder andere de voorwaarden en de rol van de overheid zijn nog niet concreet.”

Zou die vijf miljard niet moeten worden uitgetrokken voor CO2-vrije flexibele elektriciteit, waarbij ook andere technieken dan kernenergie mogelijk zijn?
“Alle duurzame energiebronnen zijn gesubsidieerd de laatste jaren, behalve kernenergie. Dat komt niet van de grond als de markt niet voelt dat de overheid erachter staat. Onze buurlanden België en Duitsland sluiten de kerncentrales. Dat helpt niet voor de investeringszekerheid. Dus er is echt steun vanuit de overheid nodig, zodat de private sector durft te investeren in kernenergie.”

Hoe gaan we ervoor zorgen dat we de 2030-doelen daadwerkelijk gaan halen?
“Dat zit hem in de uitvoering. Er is bewust gekozen om wettelijk een CO2-reductie van ten minste 55 procent vast te leggen. Hier kan het kabinet juridisch op worden afgerekend. We hebben geleerd van de fouten in het verleden. We mikten steeds op een bandbreedte, waarbij alleen in het meest optimistische scenario het vastgelegde doel zou worden gehaald. De praktijk blijkt soms weerbarstiger, bijvoorbeeld doordat infrastructuur later gereed is. Daarom gaan we het nu anders doen. We hebben nu maatregelen die optellen tot 60 procent, maar als het tegenzit halen we nog steeds tenminste die 55 procent. Ik heb in het bedrijfsleven geleerd: underpromise and overdeliver.”

Dan moet het PBL het wel nog eens zijn met de inschatting hoeveel CO2-reductie het regeerakkoord oplevert?
“Ik heb er vertrouwen in dat 55 procent binnen bereik ligt met dit pakket. We hebben ambtelijke ondersteuning gehad tijdens de onderhandelingen, en hebben geput uit het rapport van Laura van Geest. Natuurlijk moet het geconcretiseerd en doorgerekend worden, maar dit is realistisch in mijn ogen.”

Hebben de overstromingen in Limburg uw kijk op klimaatbeleid beïnvloed?
“In mijn eigen gemeente viel het mee. Ik ben de schade in getroffen Limburgse gebieden gaan bekijken met lokale politici. Het was heftig om te zien hoe ver de rivieren buiten de oevers komen. Het Nederlandse klimaatbeleid heeft er nog meer prioriteit door gekregen. Iedereen heeft aan den lijve ervaren hoe erg klimaatverandering is. Het is duidelijk dat ook klimaatadaptatie meer aandacht verdient.”

De warmtetransitie loopt achter. Hoe wilt u die versnellen richting 2030?
“Ten eerste door de Warmtewet door de Kamer te krijgen. We moeten knopen gaan doorhakken, volgend jaar al. Er zit haast achter. Voor de Energiewet geldt hetzelfde, maar momenteel heeft de Warmtewet nog meer haast. Ten tweede zijn er middelen gebudgetteerd voor de warmtetransitie. We moeten naar een opschaling van duurzame warmte, ook in de SDE++. Daar komen schotten in.”

Maar die zogenaamde hekjes in de SDE++ komen er pas in 2023. Kan er niet sneller iets gedaan worden, zodat 2022 geen verloren jaar wordt voor de warmtetransitie?
“Idealiter wel. Het regeerakkoord biedt handvaten. We hebben geothermie expliciet benoemd, die viel er voorheen steeds buiten. Dat is een belangrijke technologie voor het verduurzamen van warmte in de industrie en gebouwde omgeving. Het roer moet snel om.”

Hoe gaat het nieuwe klimaatfonds helpen in de transitie? En waar is naast subsidie ook ander beleid nodig?
“Geld gaat helpen om in het cluster industrie grote stappen te zetten. Hier liggen plannen met meer ambitie dan in het Klimaatakkoord is uitgesproken. Die kunnen we hiermee verzilveren. Het elektriciteitsnet en groene waterstof kosten flink wat geld. Daarnaast wil je ook prikkels inbouwen waar subsidies niet genoeg doen. Het Europese ETS hebben we al. Er komt – in lijn met Duitsland – een bodemprijs zodat bedrijven investeringszekerheid krijgen. En een marginale heffing, idealiter met maatwerkafspraken. Dit zorgt voor een prikkel om resultaat te boeken; het geeft een stok achter de deur. Dit moet voorkomen dat het bedrijfsleven in de problemen komt als overheid niet levert.”

Hoe kan de overheid de lange vergunningprocedures verkorten? Als de sector in twee jaar een zonnepark kan bouwen, dan mag de vergunning ook wel in 2 jaar geregeld kunnen worden, toch?
“Gekeken naar kleinere projecten, zoals zon en wind, gaan we het proces proberen te versnellen. Maar als je kijkt naar de wettelijke verplichtingen, zoals inspraak, blijf je die drie à vier jaar houden. Gek veel korter zal niet lukken. Dus moet je langer vooruitkijken. Je moet kijken naar de voorspelbaarheid van infrastructuur. Als je bijvoorbeeld weet dat er in 2030 bepaalde infrastructuur wordt geïnstalleerd, dan kun je eerder beginnen met vergunningaanvragen. Voor de hele grote bottlenecks, bijvoorbeeld in het elektriciteitsnet, kunnen we de Nationale Crisis- en Herstelwet inzetten. Hier moeten we echter wel voorzichtig mee omgaan. Dus verzwaring van het net kan hier wel onder vallen, maar een individuele zonneweide niet.”

Wat verwacht u van het bedrijfsleven?
“Ik verwacht veel enthousiasme. We gaan ambitie tonen als overheid; jullie mogen ons daarop afrekenen. We steken onze nek uit. We verwachten ook ambitie van bedrijven, onder andere in de maatwerkafspraken. Met elkaar gaan we naar een volledig duurzame industrie toe.”

Wat vindt u van de NVDE? Waarop zou de NVDE zich moeten focussen het komende jaar?
“Ik vind de NVDE constructief. En ook zichtbaar, zeker op Twitter. Misschien zit ik inmiddels in een filterfuik, maar ik zie Olof van der Gaag (directeur NVDE) vaak langskomen. De NVDE zou zich wat mij betreft moeten richten op de uitvoering: hoe gaan we dit beleid concretiseren? Welke voorstellen werken in praktijk toch anders, waardoor je teleurgesteld bent in het effect? Het gaat niet meer om het benadrukken van de urgentie en de noodzaak van voldoende middelen. Die zijn er nu. Het is nu erop of eronder in de uitvoering, de wetgeving en de infrastructuur. De NVDE kan een nuttig klankbord zijn en ons voorzien van feedback. Enige tijd terug kwam de NVDE met een pleidooi voor het versnellen van vergunningprocedures. Zo kunnen we samen de schouders onder de uitvoering zetten. Dan zien we over twee jaar wel of de ambities verzet moeten worden.”

Hoe verduurzamen we Chemelot?
“Met onder andere buisleidingen, die van de Rotterdamse haven naar Chemelot lopen en door naar Noordrijn-Westfalen. Deze kunnen gebruikt worden voor transport van CO2 en waterstof. Ook elektrificatie van de chemische krakers is nodig. Dit kan alleen niet voor 2030, omdat het een forse toename van duurzame energie vereist en een verzwaring van het huidige net nodig is. Chemelot ligt nu eenmaal niet naast de Noordzee. Dus windenergie op zee is geen directe optie. Dit geldt voor meer situaties landinwaarts. De VVD is voorstander van kernenergie. Zou je daar iets mee kunnen? Of transport van waterstof. Maar dit moet allemaal nog verder uitgewerkt worden. De plannen liggen best goed voor 2030. Dus de komende jaren kunnen we al knopen doorhakken.”

Wat is uw inzet om versneld te elektrificeren, in combinatie met opschaling van hernieuwbare energie en groene waterstof en opschaling van energie-infrastructuur?
“Dit zit in de maatwerkafspraken. We kunnen voortborduren op het Cluster energiestrategieën. Het is een puzzel die je moet leggen. Wat is er nodig voor alle plannen opgeteld? Is er ruimte om meer te doen met elektrificatie? Datacenters zijn een discussiepunt. We moet nadenken onder welke voorwaarden we deze in Nederland kunnen neerzetten. Er is een grote stroomvraag. Hebben we in 2030 voldoende groene stroom hiervoor? Extra windenergie op zee kan wel, maar zal er niet voor 2030 zijn, gezien alle procedures. We moeten misschien afwegingen maken: datacenters óf elektrificatie.”

De RES-regio’s hebben een bod neergelegd dat hoger is dan 35 TWh. Wat zou het Rijk volgens u moeten doen om te helpen de extra potentie uit de RES’en te realiseren?
“Het regeerakkoord stelt voor om afstandsnormen te gebruiken voor wind op land, en om zonne-energie op land alleen toe te staan bij multifunctioneel ruimtegebruik. Er gaat dus nog een slag over  die RES-plannen, waardoor een aantal projecten zal afvallen. Maar er zal nog een deel overblijven van de biedingen boven die 35 TWh, verwacht ik. We zullen kijken hoe we die ook kunnen realiseren. Als het gedragen plannen zijn en het past op het net, dan zou het gek zijn om dat niet te doen. Maar we stellen er dus nog wel een aantal voorwaarden bij.”

Hoe houden we de vrije markt in de energietransitie leidend en blijft het beleid techniekneutraal?
“De overheid gaat een grotere rol spelen in de energietransitie. Dat is het eerlijke verhaal. Een sterkere overheid is nodig, voor leveringszekerheid en verduurzaming. De overheid moet zich opstellen als marktmeester en de kaders en regels aangeven. Ik ben er huiverig voor als de overheid daarna een grote rol wil blijven spelen. Bij wind op zee gaat dat goed: de overheid wijst gebieden aan en private partijen doen de realisatie. Bij waterstof is die marktordening, subsidiegeld, enzovoorts, nog niet uitgekristalliseerd. Het bedrijfsleven moet er een goede boterham aan verdienen. Je hebt de uitvoeringskracht nodig van alle grote bedrijven, zoals Shell. Wij moeten dan zorgen dat het publieke belang geborgd is. Subsidies moeten een publiek belang dienen. Dit vergt duidelijke kaders vanuit de overheid waarbinnen het bedrijfsleven zijn gang kan gaan.”

Wat zijn belangrijkste eerste aandachtspunten voor de nieuwe Minister van Klimaat en Energie?
“Het belangrijkste is dat de nieuwe minister maatwerkafspraken maakt. En dat hij of zij met Brussel kijkt hoe deze in de staatssteunregels passen. Dat is iets waar andere landen ook tegenaan lopen. Daarnaast heeft de wet- en regelgeving dringend aandacht nodig. Hierbij heeft de Warmtewet het meeste haast. En de minister moet aan de slag met de infrastructuur, want het elektriciteitsnet begint vast te lopen. Ook het uitwerken van de kernenergieopgave is belangrijk, omdat dit een doorlooptijd heeft van minimaal tien jaar. Zoals je hoort is het een hele lijst, dus de minister mag zijn of haar borst nat maken.”

Hoe duurzaam woont en reist u zelf?
“Mijn woning heb ik recent geïsoleerd. Momenteel zit ik op energielabel B. Dit is voldoende voor de komende tijd. Ook heb ik zonnepanelen. Daarnaast heb ik een hybride auto met stekker. Ik zet stappen vooruit, maar het is nog niet perfect.”

Artikel delen?