Subsidie Duurzame Energie (SDE++)
Coalitieakkoord: We verlengen de SDE++ met zes nieuwe openstellingsrondes voor de uitrol van duurzame energiebronnen. Het betreft een jaarlijks openstellingsbudget van 8 miljard euro t/m 2032.
De NVDE is heel blij dat de SDE++subsidie blijft doorlopen. Dit werkpaard van de energietransitie is onmisbaar. Per ronde kan er maar liefst één procent van de in Nederland gebruikte energie structureel vergroend worden. Dit maakt ons land duurzamer en minder afhankelijk van fossiele import uit het buitenland.
Zo werkt de SDE++ subsidie
In het openstellingsjaar geeft de overheid voor acht miljard euro aan ‘beschikkingen’ (een soort recht op subsidie) uit voor energieprojecten. Veel verschillende duurzame energietechnieken komen in aanmerking en concurreren met elkaar op de laagste subsidiebehoefte per ton CO2-reductie.
De overheid committeert zich aan de acht miljard euro, maar in de praktijk is minder subsidie nodig (grove schatting: ongeveer de helft tot twee derde):
-
- Minder subsidiekosten: Die acht miljard is de maximale, ‘worst case’ budgetraming. Als de stroomprijs hoger uitvalt dan een relatief ongunstige raming, is minder subsidie nodig, cq kunnen projecten meer op eigen benen staan. Dat bespaart de overheid geld.
- Minder projecten: Niet alle projecten die SDE++ subsidie krijgen toegekend, worden in de praktijk gerealiseerd. Dat spaart geld uit maar levert ook geen CO2-reductie; de NVDE streeft er dan ook naar dat zoveel mogelijk projecten met een beschikking ook daadwerkelijk gerealiseerd worden.
Energieprojecten krijgen gedurende vijftien jaar subsidie voor de onrendabele top: het gat tussen hun kosten en de opbrengst uit de energieverkoop. De uitgaven aan deze subsidie worden dus over vijftien jaar uitgespreid. De projecten krijgen pas subsidie als ze gebouwd zijn. Dat duurt na toekenning van de subsidie drie tot zes jaar.
Windenergie op zee
Coalitieakkoord: We blijven investeren in wind op zee via Contracts for Difference voor 40 GW in 2040. Goede afstemming tussen aanbod en vraag en betere interconnectie met andere landen.
De NVDE is net als NedZero blij met deze mooie ambitie voor windenergie op zee, en met de concretisering en budgetten. Het is goed dat het coalitieakkoord vol inzet op elektrificatie van de industrie en mobiliteit, want dat is duurzaam en zorgt dat de stroom van zee goed gebruikt wordt.
Netcongestie
Coalitieakkoord: Aanpakken netcongestieproblemen heeft hoogste prioriteit. Meeste urgente projecten eerst. Beschikbare netcapaciteit ook beter benutten, door o.a. prikkels in nettarieven, flexcontracten en energiehubs. Crisiswet Netcongestie, voor versnellen procedures vergunningen en ingrijpen bij stagnatie bouw/aanleg.
De NVDE is het met het coalitieakkoord eens dat het aanpakken van netcongestie veel prioriteit heeft. De netbeheerders werken keihard aan het uitbreiden van de netten, en er wordt samengewerkt aan maatregelen om de netten beter te benutten, waardoor meer bedrijven kunnen worden aangesloten.
Stikstof
Coalitieakkoord: Voor de landbouw, natuur en stikstofaanpak wordt een investeringsbedrag van 20 miljard euro beschikbaar gesteld. Dit bedrag wordt verdeeld naar verschillende doelen en activiteiten (zie Budgettaire tabel en bijlage coalitieakkoord). Tot en met 2031 wordt 250 miljoen euro vrijgemaakt voor maatregelen met een significante verlaging van stikstof/ammoniakemissies in de industrie en de mobiliteit.
De NVDE is dankbaar dat met dit forse pakket een structurele oplossing voor de stikstofproblemen in de maak is. Dat is belangrijk om Nederland van het slot te halen, en om ook duurzame energie(infra)projecten door te laten gaan, waar die nu tegen vertragingen en afstel vanwege stikstofregels tijdens de bouw aanlopen, terwijl deze projecten tijdens hun levensloop vaak een honderdvoudige vermindering van de stikstofuitstoot mogelijk maken.
Continuering uitvoering klimaatbeleid medeoverheden
Coalitieakkoord: Tussen 2031 en 2040 wordt jaarlijks 800 miljoen euro uitgetrokken voor de uitvoering van klimaat- en energiebeleid door medeoverheden.
De NVDE is blij met deze post, want gemeenten, provincies en waterschappen zijn cruciaal in het uitvoeren van de energietransitie. Daarvoor zijn voldoende ambtenaren nodig.
Industrie
Coalitieakkoord: Om de elektriciteitskosten van energie-intensieve industrie te verlagen wordt de Indirecte kostencompensatie (IKC) verhoogd en wordt de doelgroep uitgebreid. De middelen blijven beschikbaar tot en met 2035.
Voor het verlagen van de elektriciteitsprijs van de (basis) industrie die veel elektriciteit verbruikt wordt een ‘Envelop tegemoetkoming elektriciteitsprijs bedrijven’ beschikbaar gesteld. Een bestedingsvoorstel wordt uitgewerkt. De middelen blijven beschikbaar tot en met 2035.
De NVDE vindt het belangrijk dat dit forse budget (rond een miljard per jaar) wordt gekoppeld aan concrete verduurzamingsmaatregelen, inclusief prikkels om het elektriciteitsnet efficiënt te gebruiken.
Gebouwde omgeving
Coalitieakkoord: We geven prioriteit aan de verduurzaming van woningen en maken de energierekening zo blijven betaalbaar. Bijvoorbeeld met een Nationaal Isolatie Offensief. In de jaren tot 2030 helpen we via het NPLV de wijken met de grootste energiearmoede. Verhuurders worden verplicht energielabels E, F en G voor huurwoningen per 2029 uit te faseren, labels C en D per 2040. We blijven vol inzetten op warmtenetten. Z.s.m. duidelijkheid voor mensen of ze een warmtenet krijgen of een andere verduurzamingsoptie. De overheid is bereid om via een staatsdeelneming binnen de huidige financiële kaders private warmtebedrijven over te nemen en te participeren in nieuwe ontwikkelingen. Op plekken waar een warmtenet niet de meest geschikte oplossing is, stimuleren en normeren we, per 2029, de uitrol van hybride, slimme warmtepompen.
De NVDE is blij dat door wordt gegaan met het verduurzamen van woningen, als beste recept voor een blijvend betaalbare energierekening. Tegelijkertijd is op korte termijn extra actie nodig om middelen vrij te maken voor de realisatie van warmtenetten en het opbouwen van publieke realisatiekracht door het opkopen van private warmtebedrijven. De verduurzaming van woningen en gebouwen door isolatie en bijvoorbeeld warmtepompen vraagt na 2030 fors extra budget, bijvoorbeeld via het Nationaal Warmtefonds, de Investeringssubsidie duurzame energie (ISDE) en het Nationaal Isolatieprogramma (NIP). Tot aan 2030 zijn hiervoor nog middelen gereserveerd, na 2030 is er nog niets geregeld. Continuering van het Nationaal Warmtefonds is echter al eerder nodig dan 2030. Zonder aanvullende maatregelen zullen de beschikbare middelen voor het verduurzamen van onze woningen en gebouwen vanaf 2030 zo’n anderhalf miljard euro lager zijn dan nu.
Mobiliteit
Coalitieakkoord: We breiden laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen uit en houden elektrisch rijden fiscaal aantrekkelijk. We stimuleren het gebruik van deelauto’s, fiets en ov.
De NVDE is blij dat het coalitieakkoord inzet op het fiscaal aantrekkelijk houden van elektrisch rijden. Dit vraagt wel nog om concretisering en extra maatregelen, bijvoorbeeld via de motorrijtuigenbelasting, de bijtelling, bpm en tweedehandsmarkt.
Het coalitieakkoord zet een aantal goede stappen in de richting van duurzame mobiliteit. Met investeringen in laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen, fiscaal aantrekkelijke regelingen voor elektrisch rijden en stimulansen voor deelauto’s, de fiets en het openbaar vervoer, wordt Nederland daadwerkelijk schoner en slimmer bereikbaar.
Autorijden
Een toekomstbestendige hervorming van de motorrijtuigenbelasting (mrb) is daarbij noodzakelijk, met oog op de definitieve doorbraak van elektrisch rijden. Dat kan een motorrijtuigenbelasting zijn op basis van oppervlakte of omvang, liefst inclusief het criterium energie-efficiëntie, maar een systeem van betalen naar gebruik met een korting voor elektrische auto’s is wat de NVDE betreft de beste optie. Met het oog op het stimuleren van elektrisch rijden is het verlengen van de accijnskorting het paard achter de wagen spannen.
Hernieuwbare brandstoffen
Voor wegverkeer en zeevaart is het goed dat het coalitieakkoord voor normering van biobrandstoffen wil samenwerken met Duitsland en Frankrijk. Dit moet echter wel binnen een Europese (RED III, FuelEU Maritime) of wereldwijde (IMO-standaarden) context plaatsvinden, want het zijn internationale sectoren. Het belangrijkste uitgangspunt van de internationale samenwerking moet verdere verduurzaming zijn.
Openbaar vervoer, deelmobiliteit en fiets
Ook goed is dat de coalitie wil gaan werken aan een spoor-, fiets- en openbaar vervoersnetwerk waarin bereikbaarheid van voorzieningen en nieuwe woonwijken centraal staat. De partijen zijn echter nog niet duidelijk over de consistente en betrouwbare financiering die daarbij hoort. De fiets, openbaar vervoer en deelmobiliteit moeten aantrekkelijke en vanzelfsprekende opties zijn voor iedereen die zich verplaatst. Daar passen stimulerend beleid en langjarige en betrouwbare financiering bij.
Luchtvaart
Het is goed dat het coalitieakkoord samen met de sector inzet op het uitbreiden van bijmenging van duurzame vliegtuigbrandstof en het stimuleren van de productie van Sustainable Aviation Fuels. Ook bemoedigend is dat de totale CO₂-uitstoot van de burgerluchtvaart in 2030 op Schiphol en Lelystad lager moet zijn dan in 2024 op Schiphol. Veel zal echter afhangen van de daadwerkelijke uitvoering van de plannen, definities van uitstoot en bijvoorbeeld de regels voor andere luchthavens en voor vrachtvluchten. Bovendien eiste de rechter op 28 januari in de door Greenpeace aangespannen klimaatzaak over Bonaire dat Nederland ook de uitstoot van de lucht- en scheepvaart meeneemt in haar plannen om in 2050 geen uitstoot van broeikasgassen meer te hebben. De rechter legt de staat ook op om bindende tussendoelen op te stellen voor de gehele economie. Het is waarschijnlijk dat deze uitspraak verdergaande maatregelen dan nu wordt voorgesteld voor de lucht- en scheepvaart nodig maakt.
Lees hier onze uitgebreide samenvatting van coalitieakkoord Aan de slag, wat betreft de energietransitie.


