Position papers

Consultatie NVDE – Energiebesparingsleningen voor MKB

Energiebesparing vergroot onze onafhankelijkheid, verlaagt structureel de energierekening en legt de basis voor een sterke, concurrerende economie. Toch dreigen de energiebesparingsdoelen in Nederland niet gehaald te worden. Hoewel veel bedrijven verplicht zijn om maatregelen met een terugverdientijd van vijf jaar of minder uit te voeren, blijven veel van deze maatregelen in de praktijk onuitgevoerd. De naleving door bedrijven is laag, en ondanks verbeteringen voeren omgevingsdiensten te weinig controles uit. Zo kreeg 91% van de bedrijven onder de plicht een hercontrole, en bij de hercontrole in oktober 2025 stonden er nog 64.441 maatregelen open, allemaal met voordelen voor netcongestie, energie-onafhankelijkheid en kostenreductie. Tegelijkertijd wordt de energiebesparingsplicht mogelijk verruimd met een terugverdientijd van zeven i.p.v. vijf jaar. De effectiviteit van de plicht hangt echter af van serieus toezicht, handhaving en voldoende financieringsmogelijkheden. Zonder voldoende financieringsopties tegen marktconforme tarieven worden de kosten van energiebesparing onnodig hoog, en staat de daadwerkelijke terugverdientijd niet meer in verhouding tot de geëiste termijn.

Op dit moment ligt er een substantieel knelpunt in financiering voor mkb’ers. Het lukt bedrijven niet altijd om financiering rond te krijgen voor energiebesparing. De markt verstrekt te weinig kleine leningen onder de €250.000, aangezien deze minder interessant zijn voor financiële instellingen. Wanneer zij dit wel doen, is er vaak onderpand en persoonlijke garantstelling vereist, wat mkb’ers niet altijd kunnen of willen geven. Alternatieve financieringsopties zijn vaak erg duur, met rentes boven de 15% en korte looptijden. Dit vormt voor velen een grote drempel, en bovendien zorgt een hoge rente ervoor dat de daadwerkelijke terugverdientijd niet meer overeenkomt met 5/7 jaar. Daarnaast heeft m.n. het kleinere mkb geen mensen beschikbaar met kennis van energiebesparing, en weinig tijd om daarin te investeren.

De Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE) is positief over de voorgestelde regeling voor energiebesparingsleningen voor het mkb. Door de toegang tot passende financiering te verbeteren, kan de regeling bijdragen aan lagere energiekosten voor ondernemers, een grotere energie-onafhankelijkheid en een snellere verduurzaming van het mkb.

Op termijn moet de markt energiebesparing financieren

Uiteindelijk is het wenselijk als de private markt financiering verleent aan het mkb tegen marktconforme rentetarieven, ook zonder onderpand. Het gebrek aan financieringsaanbod voor energiebesparing bij het mkb is een marktfalen, en hiervoor zijn sturende of verplichtende maatregelen nodig. Ook kleine kredieten waar een financiële instelling weinig aan verdient moeten breed aangeboden worden. Terwijl de regeling voor energiebesparingsleningen hier ingrijpt, moet het private financieringsklimaat sterker worden gemaakt zodat op termijn geen of beperkte overheidssteun nodig is.

  • Introduceer een groene rentekorting vanuit de Europese Centrale Bank, waarbij banken tegen lagere tarieven mogen lenen naarmate zij meer leningen verstrekken voor hernieuwbare energieprojecten of energiebesparing. Zo krijgen financiële instellingen meer prikkels om goedkope leningen te verstrekken aan mkb’ers en hun klanten te ondersteunen bij energiebesparing en verduurzaming. Hiernaast verlaagt een groene rentekorting de kosten voor verduurzaming voor heel Nederland, en draagt het op termijn bij aan stabiele en lage energieprijzen. Totdat de Europese Centrale Bank meer sturende maatregelen introduceert voor financiële instellingen, kan de Nederlandse overheid onderzoeken wat voor prikkels geïntroduceerd kunnen worden in Nationaal beleid.
  • Stimuleer ook alternatieve financieringsvormen zoals lease en energiebesparing-as-a-service. Voor een deel van het mkb kunnen Energy Service Companies (ESCo’s) of leaseconstructies een passende oplossing bieden voor financiering. Een ESCo kan de investering en de financiering van een energiebesparende maatregel op zich nemen via lease. Zo kan het mkb-bedrijf focussen op de core-business en hoeft die niet te investeren in tijd en kennis van energiebesparing.
  • Onderzoek de mogelijkheid tot een garantie-instrument voor mkb’ers. Op dit moment wordt er van risicovolle mkb’ers vaak onderpand of persoonlijke borgstelling gevraagd, en gelden er hoge rentetarieven. Een garantie-instrument vanuit de overheid kan de noodzaak tot onderpand of borgstellingen verminderen en verlaagt de financieringskosten voor het mkb om te verduurzamen, ook na afloop van de energiebesparingsleningen.

De regeling

De NVDE is erg positief over het voorstel om energiebesparingsleningen te verstrekken aan mkb-bedrijven. De lening wordt toegankelijk voor bedrijven onder de energiebesparingsplicht, maar ook voor bedrijven die hier niet onder vallen maar wel maatregelen willen nemen. Mkb’ers met een energieverbruik van ten minste 10.000 kWh of 5.000 m3 mogen een lening aanvragen. Er zal een maandelijkse aflossing gelden en een jaarlijkse marktconforme basisrente (nu 6,7%). De lening dient in 7 jaar terugbetaald worden en uiterlijk 12 maanden na de verleningsbeschikking moet het project zijn afgerond.

  • We zijn erg blij met de verruiming van de doelgroep, zodat ook bedrijven die niet onder de plicht vallen worden geholpen met energiebesparing. Dit draagt bij aan het halen van de energiebesparingsdoelen, en het verkleinen van afhankelijkheden. Kleinere mkb’ers zijn soms kwetsbaar voor hoge energieprijzen en de aanstaande extra kosten van ETS-2. Energiebesparing vormt hiervoor een structurele oplossing. Het is wenselijk dat de doelgroep zo breed mogelijk wordt gedefinieerd als uitvoeringstechnisch haalbaar, zodat kleine mkb’ers ook grip kunnen krijgen op hun energierekening.
  • Verruim het termijn van 12 maanden om het project af te ronden. De energiebesparende maatregel moet uiteraard zo snel mogelijk worden uitgevoerd, maar 12 maanden lijkt ons aan de krappe kant. Sommige mkb’ers zullen meerdere maatregelen willen nemen en met een ‘oververhitte’ renovatiemarkt (met personeelstekorten) lukt dit niet altijd in een korte tijd. Wij adviseren om een ruimer termijn te hanteren (bijvoorbeeld 18 of 24 maanden) of niet streng hierop hand te haven.
  • Zorg voor voldoende kennis en ondersteuning. Op dit moment hebben veel (kleine) bedrijven geen personeel of tijd beschikbaar om te investeren in kennis van energiebesparing en verduurzaming. Het is essentieel dat mkb’ers bij het kredietfonds worden doorverwezen naar het juiste adres voor advies en ondersteuning, en dat elk mkb-bedrijf ergens hulp kan vinden.
  • Gebruik bestaande netwerken en regionale uitvoeringsstructuren om het bereik van het fonds te optimaliseren. Het is van belang dat alle mkb’ers in Nederland het kredietfonds kunnen vinden en bereiken. De aanbeveling uit de evaluatie van Invest-NL is dan ook om de fondsbeheerder te combineren met regionale verstrekkers en uitvoeringsstructuren. Regionale ontwikkelingsmaatschappijen, energiefondsen en andere bestaande netwerken weten goed hoe ze de doelgroep kunnen bereiken.

Energiebesparing vergroot onze onafhankelijkheid, verlaagt structureel de energierekening en legt de basis voor een sterke, concurrerende economie. Toch dreigen de energiebesparingsdoelen in Nederland niet gehaald te worden. Hoewel veel bedrijven verplicht zijn om maatregelen met een terugverdientijd van vijf jaar of minder uit te voeren, blijven veel van deze maatregelen in de praktijk onuitgevoerd. De naleving door bedrijven is laag, en ondanks verbeteringen voeren omgevingsdiensten te weinig controles uit. Zo kreeg 91% van de bedrijven onder de plicht een hercontrole, en bij de hercontrole in oktober 2025 stonden er nog 64.441 maatregelen open, allemaal met voordelen voor netcongestie, energie-onafhankelijkheid en kostenreductie. Tegelijkertijd wordt de energiebesparingsplicht mogelijk verruimd met een terugverdientijd van zeven i.p.v. vijf jaar. De effectiviteit van de plicht hangt echter af van serieus toezicht, handhaving en voldoende financieringsmogelijkheden. Zonder voldoende financieringsopties tegen marktconforme tarieven worden de kosten van energiebesparing onnodig hoog, en staat de daadwerkelijke terugverdientijd niet meer in verhouding tot de geëiste termijn.

Op dit moment ligt er een substantieel knelpunt in financiering voor mkb’ers. Het lukt bedrijven niet altijd om financiering rond te krijgen voor energiebesparing. De markt verstrekt te weinig kleine leningen onder de €250.000, aangezien deze minder interessant zijn voor financiële instellingen. Wanneer zij dit wel doen, is er vaak onderpand en persoonlijke garantstelling vereist, wat mkb’ers niet altijd kunnen of willen geven. Alternatieve financieringsopties zijn vaak erg duur, met rentes boven de 15% en korte looptijden. Dit vormt voor velen een grote drempel, en bovendien zorgt een hoge rente ervoor dat de daadwerkelijke terugverdientijd niet meer overeenkomt met 5/7 jaar. Daarnaast heeft m.n. het kleinere mkb geen mensen beschikbaar met kennis van energiebesparing, en weinig tijd om daarin te investeren.

De Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE) is positief over de voorgestelde regeling voor energiebesparingsleningen voor het mkb. Door de toegang tot passende financiering te verbeteren, kan de regeling bijdragen aan lagere energiekosten voor ondernemers, een grotere energie-onafhankelijkheid en een snellere verduurzaming van het mkb.

Op termijn moet de markt energiebesparing financieren

Uiteindelijk is het wenselijk als de private markt financiering verleent aan het mkb tegen marktconforme rentetarieven, ook zonder onderpand. Het gebrek aan financieringsaanbod voor energiebesparing bij het mkb is een marktfalen, en hiervoor zijn sturende of verplichtende maatregelen nodig. Ook kleine kredieten waar een financiële instelling weinig aan verdient moeten breed aangeboden worden. Terwijl de regeling voor energiebesparingsleningen hier ingrijpt, moet het private financieringsklimaat sterker worden gemaakt zodat op termijn geen of beperkte overheidssteun nodig is.

  • Introduceer een groene rentekorting vanuit de Europese Centrale Bank, waarbij banken tegen lagere tarieven mogen lenen naarmate zij meer leningen verstrekken voor hernieuwbare energieprojecten of energiebesparing. Zo krijgen financiële instellingen meer prikkels om goedkope leningen te verstrekken aan mkb’ers en hun klanten te ondersteunen bij energiebesparing en verduurzaming. Hiernaast verlaagt een groene rentekorting de kosten voor verduurzaming voor heel Nederland, en draagt het op termijn bij aan stabiele en lage energieprijzen. Totdat de Europese Centrale Bank meer sturende maatregelen introduceert voor financiële instellingen, kan de Nederlandse overheid onderzoeken wat voor prikkels geïntroduceerd kunnen worden in Nationaal beleid.
  • Stimuleer ook alternatieve financieringsvormen zoals lease en energiebesparing-as-a-service. Voor een deel van het mkb kunnen Energy Service Companies (ESCo’s) of leaseconstructies een passende oplossing bieden voor financiering. Een ESCo kan de investering en de financiering van een energiebesparende maatregel op zich nemen via lease. Zo kan het mkb-bedrijf focussen op de core-business en hoeft die niet te investeren in tijd en kennis van energiebesparing.
  • Onderzoek de mogelijkheid tot een garantie-instrument voor mkb’ers. Op dit moment wordt er van risicovolle mkb’ers vaak onderpand of persoonlijke borgstelling gevraagd, en gelden er hoge rentetarieven. Een garantie-instrument vanuit de overheid kan de noodzaak tot onderpand of borgstellingen verminderen en verlaagt de financieringskosten voor het mkb om te verduurzamen, ook na afloop van de energiebesparingsleningen.

De regeling

De NVDE is erg positief over het voorstel om energiebesparingsleningen te verstrekken aan mkb-bedrijven. De lening wordt toegankelijk voor bedrijven onder de energiebesparingsplicht, maar ook voor bedrijven die hier niet onder vallen maar wel maatregelen willen nemen. Mkb’ers met een energieverbruik van ten minste 10.000 kWh of 5.000 m3 mogen een lening aanvragen. Er zal een maandelijkse aflossing gelden en een jaarlijkse marktconforme basisrente (nu 6,7%). De lening dient in 7 jaar terugbetaald worden en uiterlijk 12 maanden na de verleningsbeschikking moet het project zijn afgerond.

  • We zijn erg blij met de verruiming van de doelgroep, zodat ook bedrijven die niet onder de plicht vallen worden geholpen met energiebesparing. Dit draagt bij aan het halen van de energiebesparingsdoelen, en het verkleinen van afhankelijkheden. Kleinere mkb’ers zijn soms kwetsbaar voor hoge energieprijzen en de aanstaande extra kosten van ETS-2. Energiebesparing vormt hiervoor een structurele oplossing. Het is wenselijk dat de doelgroep zo breed mogelijk wordt gedefinieerd als uitvoeringstechnisch haalbaar, zodat kleine mkb’ers ook grip kunnen krijgen op hun energierekening.
  • Verruim het termijn van 12 maanden om het project af te ronden. De energiebesparende maatregel moet uiteraard zo snel mogelijk worden uitgevoerd, maar 12 maanden lijkt ons aan de krappe kant. Sommige mkb’ers zullen meerdere maatregelen willen nemen en met een ‘oververhitte’ renovatiemarkt (met personeelstekorten) lukt dit niet altijd in een korte tijd. Wij adviseren om een ruimer termijn te hanteren (bijvoorbeeld 18 of 24 maanden) of niet streng hierop hand te haven.
  • Zorg voor voldoende kennis en ondersteuning. Op dit moment hebben veel (kleine) bedrijven geen personeel of tijd beschikbaar om te investeren in kennis van energiebesparing en verduurzaming. Het is essentieel dat mkb’ers bij het kredietfonds worden doorverwezen naar het juiste adres voor advies en ondersteuning, en dat elk mkb-bedrijf ergens hulp kan vinden.
  • Gebruik bestaande netwerken en regionale uitvoeringsstructuren om het bereik van het fonds te optimaliseren. Het is van belang dat alle mkb’ers in Nederland het kredietfonds kunnen vinden en bereiken. De aanbeveling uit de evaluatie van Invest-NL is dan ook om de fondsbeheerder te combineren met regionale verstrekkers en uitvoeringsstructuren. Regionale ontwikkelingsmaatschappijen, energiefondsen en andere bestaande netwerken weten goed hoe ze de doelgroep kunnen bereiken.