Het Regioteam Energietransitie (samenwerkingsverband Nederlandse Vereniging Duurzame Energie, Energie-Nederland, Holland Solar, Energy Storage NL, NedZero) en VNO-NCW Midden zijn blij met de mogelijkheid te reageren op de voorgestelde wijziging van de omgevingsverordening. We reageren bij dezen op de gewijzigde beleidsregels over de afstandsnorm voor nieuwe windturbines en op de ‘Notitie Afstandsnorm Windturbines en leefomgeving in Gelderland’. Deze vinden wij namelijk zorgelijk.
Nederland staat voor grote uitdagingen: jaarlijks 100.000 woningen realiseren, de economie concurrerend houden, de energierekening betaalbaar houden en onze klimaatdoelen halen. Deze opgaven kunnen soms schuren, maar versterken elkaar ook. Nieuwe woonwijken, bedrijventerreinen en huishoudens hebben immers stroom nodig. Om bij te dragen aan het verlichten van netcongestie en het verlagen van de maatschappelijke kosten is het belangrijk deze stroom voor een groot deel lokaal op te wekken. We zien allemaal hoe de energierekeningen van huishoudens die draaien op fossiele energie speelballen zijn van instabiele, verre landen. Meer schone energie is de enige structurele oplossing tegen hoge, schommelende energieprijzen. Wind op land is daarbij cruciaal.
Het belang van windenergie voor de bedrijven en woningbouw
Wind op land is een van de goedkoopste vormen van hernieuwbare elektriciteitsopwekking1. Tegelijkertijd is de verhouding tussen zonne- en windenergie in Gelderland enorm scheef (ongeveer 80% zon en 20% wind). Die verhouding zou idealiter ongeveer 50/50 moeten zijn. Wind en zon vullen elkaar goed aan, zeker in combinatie met opslag. Lokale windprojecten nabij afnemers, zoals bedrijventerreinen, havens en stedelijk gebied dragen bij aan een betere balans tussen vraag en aanbod én aan het verlichten van netcongestie. Zonder voldoende ruimte voor windprojecten vertragen woningbouw, economische ontwikkeling en de energietransitie. Met de grote behoefte aan woningen is het van belang om netbewuste nieuwbouw te realiseren, waar windprojecten een essentiële rol in spelen.
De provincie zegt in haar Statenbrief van 18 december2 zelf: ‘Minder ruimte voor windenergie (…) leidt tot hogere maatschappelijke kosten vanwege de grotere impact op het elektriciteitsnetwerk.’ En: ‘Zon en wind vullen elkaar goed aan en dragen in combinatie aantoonbaar bij aan een betaalbare, betrouwbare en klimaatneutrale energievoorziening en efficiënt gebruik van de elektriciteitsnetten.’
Afstandsnorm werkt contraproductief
In de conclusie van de aanvullende notitie Afstandsnorm van de provincie3 staat dat een afstandsnorm niet tot minder hinder van windmolens leidt, geen extra bescherming biedt bovenop geluidsnormen en dat de noodzaak om stillere windmolens te realiseren mogelijk wegvalt. Deze conclusies onderschrijven wij.
Een generieke afstandsnorm is geen oplossing voor hinder, want overlast hangt niet af van afstand, maar van geluid en slagschaduw. Een brede coalitie van provincies en gemeenten, netbeheerders, boeren, bedrijven van groot tot klein, de bouwsector en de opweksector pleitten daarom eerder al unaniem tegen het invoeren van een afstandsnorm en vóór het gebruik van milieunormen4. Deze bieden bescherming voor bewoners, houden rekening met lokale omstandigheden en stimuleren innovatie van stillere turbines. U heeft zelf normen voor geluid en slagschaduw voorgesteld in een recente beleidsregel, waarmee u in onze ogen de noodzaak van dergelijke milieunormen onderschrijft. Een generieke afstandsnorm biedt deze voordelen niet.
De provincie noemt als voordelen van een afstandsnorm de ervaren duidelijkheid richting inwoners en het reguleren van visuele impact. Als we het licht in Gelderland aan willen houden en de energierekening stabiel willen houden voor haar inwoners en bedrijven, is het uitgesloten dat er geen windmolens op land meer bijkomen.
Met de voorgestelde afstandsnorm zullen er relatief meer kleine windmolens in de provincie moeten worden neergezet, ten opzichte van enkele grote molens. Vele kleine turbines vergroten juist de visuele impact van windmolens in het Gelderse landschap en zorgen voor meer hinder. Het zou goed zijn als de provincie hier rekenschap van geeft.
We zijn tevreden met de voorgestelde uitzondering voor bedrijventerreinen. Tegelijkertijd dwingen we windenergie met deze afstandsnorm naar suboptimale plekken, terwijl juist goedkope en efficiënte opwek cruciaal is voor onze concurrentiepositie en het terugdringen van onze afhankelijkheden. De uitzondering helpt bedrijven lokaal, maar de norm kan het energiesysteem als geheel duurder maken.
Voorzorgsbeginsel niet van toepassing, zegt provincie
Het initiatiefvoorstel voor het instellen van een afstandsnorm gebruikt het voorzorgsbeginsel als onderbouwing. We zijn blij dat de provincie zelf in haar reactie op het initiatiefvoorstel aangeeft dat het voorzorgsbeginsel niet van toepassing is bij windenergie5. Het voorzorgsbeginsel gaat over situaties waarin er een wetenschappelijk onderbouwd signaal is dat er schade kan ontstaan voor milieu en gezondheid, maar er een bepaalde mate van onzekerheid bestaat/causaal verband niet bewezen is. Dat is in deze situatie niet zo. Er is bekend welke hinder ervaren wordt, afhankelijk van het geluidsniveau. Daarnaast zijn andere factoren bepalender voor de eventueel ervaren hinder dan de afstand tussen een windmolen en een huis.
Provincie, pas op met broos vertrouwen
In het coalitieakkoord ‘Gewoon doen’ staat: ‘We houden ons aan de afspraken over regionale energie strategieën die in Provinciale Staten zijn vastgesteld’. We vinden het transparant dat de provincie zelf aangeeft dat het halen van de RES-doelstellingen onmogelijk wordt gemaakt door het invoeren van een afstandsnorm en dat er op korte termijn geen alternatief beschikbaar is6.
Daarnaast wijzen wij erop dat het vanuit de provincie eenzijdig invoeren van een afstandsnorm zorgvuldig gemaakte RES-afspraken met gemeenten, waterschappen, inwoners, netbeheerders, energiecoöperaties en maatschappelijke partners doorkruist. Daarmee schaadt de provincie vertrouwen en ondermijnt het de urgente opgave om te werken aan gemeenschappelijk gestelde doelen. Het gaat in tegen de maatschappelijke en bestuurlijke afspraken die zijn gemaakt, van het landelijke Klimaatakkoord en de Klimaatwet tot de vastgestelde RES’en 1.0 en de trajecten voor herijking daarvan. Het is goed dat de gedeputeerde dit erkent: “In de RES’en werken we samen met meerdere partijen. De RES’en zijn een interbestuurlijk programma. Wij zijn één van de partijen. Met dit voorstel veranderen we zonder overleg eenzijdig de spelregels. Dit kan leiden tot een lastigere samenwerking en kan invloed hebben op het halen van de doelen”3.
Notitie Afstandsnorm schiet juridisch tekort
De notitie Afstandsnorm schiet op meerdere vlakken juridisch tekort. Zo is er geen Nota van Reikwijdte en Detailniveau (NRD) opgesteld. Hierdoor is vooraf niet vastgelegd welke alternatieven en milieuonderzoeken noodzakelijk waren. Bovendien is niet gebleken dat de wettelijk voorgeschreven adviseurs en bestuursorganen zijn geraadpleegd. Ook bevat de notitie geen beschrijving en/of onderzoek naar redelijke alternatieven en evenmin een beschrijving dat er geen andere redelijke alternatieven beschikbaar zijn. Er is ten onrechte uitsluitend een vergelijking gemaakt op basis van verschillende afstanden.
De notitie stelt dat deze dient als aanvulling op het bestaande Gelderse plan-MER. Hoewel het hergebruik van informatie is toegestaan om overlap te voorkomen, ontslaat dit het bevoegd gezag niet van de verplichting om de juiste procedurestappen te doorlopen (artikel 16.37 Omgevingswet). Het onderliggende Gelderse plan-MER had in dat geval gezamenlijk met de notitie ter inzage gelegd moeten worden. Dit is niet gebeurd, zie in dit verband ook deze uitspraak die de bestuursrechter hierover deed. Tot slot blijkt uit gegevens van de Commissie m.e.r. dat de Commissie niet is verzocht om een advies uit te brengen over de notitie. Dat zou wel moeten gebeuren.
Het gevaar van deze juridische tekortkomingen is dat de provincie een mogelijk onrechtmatige verordening implementeert. Hiermee neemt de provincie een juridisch risico en vergroot het de kans op schadeclaims. Initiatiefnemers, de omgeving of andere belanghebbenden kunnen besluiten voor nieuwe windparken de afstandsnorm aan te vechten. Naar alle waarschijnlijkheid met onderbouwing van de in deze zienswijze aangehaalde eigen argumenten en documenten van de provincie. Dit leidt tot onzekerheid bij omwonenden, initiatiefnemers en provincie, tot vertraging en mogelijke schadeclaims. En dat terwijl de noodzaak van een afstandsnorm ontbreekt, en deze ook nauwelijks iets bewerkstelligt.
Durf te adviseren tegen ondoordachte plannen die Gelderland schaden
De provincie heeft uitgebreid op een rij gezet waarom het invoeren van een afstandsnorm juist niet wenselijk is: voor de kosten en balancering van het volle stroomnet is een betere verhouding tussen wind en zon wenselijk, een afstandsnorm leidt niet tot minder ervaren hinder of betere bescherming van omwonenden, afspraken uit het coalitieakkoord worden geschonden en de samenwerking met regionale partners krijgt een knauw. We missen een integrale belangenafweging: vindt de provincie het echt wenselijk om een afstandsnorm in te voeren, of wegen de beperkte voordelen niet op tegen de uitvoerige lijst met genoemde nadelen?
Dit is hét moment om als provincie en Provinciale Staten te erkennen dat het invoeren van een afstandsnorm geen wezenlijke voordelen biedt en wél een berg aan negatieve gevolgen (waaronder juridische procedures) met zich meebrengt voor maatschappelijke, economische en bestuurlijke opgaven. Een geluidsnorm biedt daarentegen wél bescherming voor bewoners en stimuleert innovatie van stillere turbines. We roepen daarom op, net als de coalitie4 van onder meer Bouwend Nederland, VNO-NCW, Netbeheer Nederland, LTO en VNG eerder deed, om geen afstandsnorm in te voeren.
Met vriendelijke groet,
Namens het Regioteam Energietransitie en VNO-NCW Midden,
Jip Grooten
06 10122062
