Begrotingsbehandeling Landbouw, Visserij, Voedselveiligheid en Natuur – maart 2026
De afgelopen jaren hebben duidelijk gemaakt dat energie-, landbouw- en natuurbeleid onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Het platteland speelt een sleutelrol in de energietransitie: als producent en afnemer van hernieuwbare elektriciteit, groen gas en duurzame warmte. Inzetten op duurzame energie van eigen bodem versterkt onze energieonafhankelijkheid, het verdienvermogen van boeren en draagt bij aan het halen van de klimaatdoelen en een gezondere leefomgeving en natuur.
In de agrarische sector groeit de belangstelling voor de energietransitie en om ‘energieboer’ te worden. Die trend is al gaande. Uit een enquête van Nieuwe Oogst onder 1300 boeren bleek dat meer dan de helft overweegt te investeren in duurzame energie. Het is logisch om deze ondernemers letterlijk en figuurlijk de ruimte te geven voor duurzame opwek en belemmeringen weg te nemen.
Haal Nederland van het stikstofslot
Het stikstofslot raakt ook de duurzame energiesector. Energie (infrastructuur)projecten lopen vertraging op of kunnen niet doorgaan door stikstofregels. Dat is wrang, omdat duurzame energie veelal geen of veel minder stikstofuitstoot met zich meebrengt en dus bijdraagt aan de oplossing. Energienetten zijn nodig om burgers en bedrijven in staat te stellen te verduurzamen. De (tijdelijke) uitstoot van stikstof tijdens de bouw is een fractie van de stikstofwinst tijdens de levensduur van een duurzaam energieproject. De NVDE is blij dat het regeerakkoord goede aangrijpingspunten en financiële dekking biedt om Nederland van het stikstofslot te halen. Bied de energiesector de ruimte dit reductiepotentieel te verzilveren.
Pak alle ruimte die het EU Grid Package biedt
In december 2025 publiceerde de Europese Commissie haar European Grid Package (EGP). Dit pakket versnelt de aanleg van energie-infrastructuur en stroomlijnt vergunningverlening. Mede op aandringen van de Nederlandse regering (middels deze ‘non paper’) biedt het European Grid Package ruimte aan lidstaten om voor de bouw van infrastructuur voor elektriciteit en bijvoorbeeld groene waterstof een uitzondering te maken op het toepassen van de stikstofregels. Dat is in potentie een belangrijke doorbraak, waarmee honderden bouwprojecten voor de uitbreiding van het stroomnet die nu vertraging oplopen geholpen kunnen zijn. Dat helpt de energietransitie vooruit en beperkt bovendien netcongestie. De Kamer vroeg in de motie Flach al om zo’n uitzondering, overigens niet alleen voor infraprojecten, maar ook voor duurzame energieprojecten als opwek. De motie Klos vroeg de mogelijkheden die het EGP biedt zo snel mogelijk in wetgeving om te zetten.
Uit het BNC-Fiche blijkt dat het kabinet zich er in Europa sterk voor gaat maken dat dezelfde flexibiliteit met betrekking tot de beoordeling van milieu- en natuureffecten, die voorgesteld is voor elektriciteitsnetten, ook moet gaan gelden voor de vergunningverlening voor (groene) waterstof- en biogasprojecten. De NVDE juicht dit initiatief van de minister toe.
Wij roepen op om vaart te zetten achter de wettelijke vertaling van het European Grid Package, zeker ook voor het benutten van ruimte die geboden wordt de stikstofregels niet toe te passen op energieinfrastructuurprojecten (inclusief waterstof en groen gas infra) en opwek van duurzame energie.
Noodzaak stevig en geborgd maatregelenpakket tegen stikstof
Zonder een stevig en geborgd maatregelenpakket dat de uitstoot van stikstof die de natuur belast beperkt, worden veel ideeën om de energiesector te ontzien juridisch heel lastig. De NVDE steunt daarom de voorstellen van Bouwend Nederland, VNO-NCW, Natuur & Milieu en Natuurmonumenten om de stikstofuitstoot in Nederland zo snel mogelijk te verminderen. Het regeerakkoord biedt daartoe goede aangrijpingspunten en een stevige financiële dekking. Zonder zo’n geborgd pakket met een evenwichtige bijdrage uit alle sectoren zullen voorstellen als het vervangen van de KDW-omgevingswaarden voor stikstof de sector nog verder het juridische moeras in trekken. Snelle vormgeving van een geborgd pakket maatregelen is cruciaal, waarmee de uitstoot in 2030 met 40 procent wordt gereduceerd.
Zet vaart achter groen gas
Opschaling van groen gas levert directe klimaatwinst, versterkt de landbouwtransitie en vergroot onze energieonafhankelijkheid. Maar de doorlooptijden van groen gasprojecten zijn nu nog te lang en vormen een belangrijke rem op opschaling. Dit staat haaks op de maatschappelijke baten die deze projecten opleveren.
• Introduceer een stikstofvrijstelling voor de bouwfase van groen gasprojecten die in de exploitatiefase substantiële en structurele stikstof- en CO2-reductie opleveren, zodat tijdelijke bouwemissies de realisatie van duurzame energieprojecten met grote structurele milieuvoordelen niet blokkeren. Daarnaast is spoedige invoering van een effectieve bijmengverplichting groen gas noodzakelijk. Deze is al tweemaal uitgesteld, inwerkingtreding in 2027 vergt tempo.
• Zorg dat doelstellingen en certificaten daadwerkelijk leiden tot extra productie en investeringszekerheid, met maximale stimulering van binnenlandse productie binnen Europese kaders. Dit is essentieel voor de legitimiteit en om te voorkomen dat Nederlandse afnemers vooral betalen voor buitenlands groen gas. Bied duidelijkheid over tijdlijnen.
Glastuinbouw als voorbeeld in de energietransitie
De Nederlandse glastuinbouw behoort wereldwijd tot de meest innovatieve agrarische sectoren en heeft ook op energiegebied herhaaldelijk laten zien snel te kunnen schakelen en een voorbeeldfunctie in te nemen. De snelle opschaling van WKK’s en de introductie van geothermie, restwarmte en geavanceerde energiemanagementsystemen tonen het aanpassingsvermogen van de sector. Bovendien weet de sector hoe zij verder kan verduurzamen, denk aan:
• Kas als Energiebron. Een innovatieprogramma dat de glastuinbouw helpt om versneld over te schakelen op duurzame energie, energie te besparen en efficiënter te telen.
• Kassen verwarmen met geothermie. Al steeds meer gebruikelijk bij de verwarming van kassen is geothermie. Dit is een prachtige manier van het gebruik van duurzame, betrouwbare en lokale warmte. Hierdoor wordt de glastuinbouw structureel minder afhankelijk van aardgas.
Wat nu nodig is, is een consistent en voorspelbaar beleidskader dat de juiste prijsprikkels geeft. Een slimme mix van normeren, beprijzen en subsidiëren kan de investeringszekerheid vergroten, zonder de internationale concurrentiepositie uit het oog te verliezen. Tegelijkertijd vraagt dit om een focus op toekomstbestendige bedrijfsmodellen, alleen door snel onafhankelijk te worden van aardgas blijft de glastuinbouw kansrijk.
Bij dit totaalpakket voor de verduurzaming van de glastuinbouwsector zijn twee maatregelen prikkels in de juiste richting. Het kabinet heeft eerder al besloten om deze maatregelen door te zetten:
• De reeds afgesproken bijmengverplichting groen gas voor de glastuinbouw. Dit zorgt voor een robuust toekomstig energiesysteem, het verdienvermogen, stikstof- en methaanreductie in de landbouw en het creëren van vraag naar duurzaam gas.
• De ETS opt-in voor de glastuinbouwsector. De Nederlandse Emissieautoriteit heeft geconcludeerd dat het onder ETS2 brengen van de glastuinbouw via de opt-in bijdraagt aan de uitvoerbaarheid van ETS2.
De NVDE vindt het bemoedigend dat het vorige kabinet deze stappen heeft gezet en dringt het nieuwe kabinet aan om hier standvastigheid in te zijn. Uiteraard blijft het totaalpakket voor een duurzame glastuinbouwsector essentieel, om samen toe te werken naar een toekomstbestendige glastuinbouw met de juiste randvoorwaarden voor verduurzaming.
