Position papers

NVDE inbreng – Commissiedebat Verduurzaming Industrie

Commissiedebat Verduurzaming Industrie – 10 september 2025

De verduurzaming van de industrie is geen kostenpost, maar een kans voor Nederland. Een kans om banen, concurrentiekracht en een leefbare planeet met elkaar te verenigen. Nederland kan nu laten zien dat we met slimme prikkels en stevige randvoorwaarden zowel groene groei versnellen als grijze uitstoot netjes afbouwen. Dit maakt onze economie sterker en brengt het behalen van het klimaatdoel dichterbij. De NVDE geeft graag suggesties om dit te bereiken.

Prikkels voor groene groei

Hernieuwbare energie en duurzame industrieën zijn de sleutels tot een krachtige economie en een leefbare planeet. Het creëren van marktvraag voor duurzame producten, het breed toepassen van Contracts for Difference (CfD’s) en het beschikbaar maken van een PPA-garantiefonds zijn essentiële onderdelen.

  • Normeer de afname van duurzame en gedecarboniseerde industriële producten op Europees niveau. De normering kan het beste landen aan het einde van de productketen dicht bij de consument, waar een beperkt aantal partijen dezelfde marktrol vervullen, en het relatief moeilijk is om EU-markten van buiten Europa te bedienen. Zo wordt een eventuele meerprijs betaald door de markt; en is er minder noodzaak voor subsidie. Het is goed dat een Kamermeerderheid dit als logische en gewenste route ziet voor industriebeleid. We kijken er naar uit om samen met de overheid de volgende stappen te zetten om meer lidstaten en de Europese Commissie te overtuigen van nut en noodzaak van vraagcreatie.
  • Werk aan lagere elektriciteitskosten. Neem risico’s en onzekerheden weg, waardoor elke partij aan de slag kan. Denk aan de volgende vijf elementen:
  • Versnel de uitrol van hernieuwbare elektriciteit door risico’s weg te nemen bij elektriciteitsproducenten en -afnemers, middels een vierzijdige CfD. Een contract-fordifference zorgt ervoor dat de onrendabele top bij energieproducenten en afnamepartijen wordt gedekt, terwijl de overheid kan meeprofiteren in goede tijden.
  • Introduceer een PPA-garantiefonds. Voor het ontwikkelen van een volwassen markt die uiteindelijk zonder subsidie kan opereren, is het van belang voldoende ruimte te laten voor langetermijncontracten zoals PPA’s. Met een Power-Purchase-Agreement is de producent verzekerd van een vaste prijs langjarige stroomafname. Tegelijkertijd is het aangaan van dergelijke langjarige contracten uitdagend voor industriële grootverbruikers van groene elektriciteit, wat een extra risico introduceert voor afnemers aangezien hun eigen klantcontracten een (veel) kortere looptijd kennen. Een PPA-garantiefonds vanuit de overheid (bijvoorbeeld via Invest-NL) zorgt ervoor dat industriële partijen kunnen deelnemen aan dit soort contracten.
  • Zorg voor gedeeltelijk publieke financiering van energienetten onder de NAVO-norm. De energietransitie gaat alleen slagen wanneer de snelle en sterke groei van het elektriciteitsnet op een andere manier wordt bekostigd dan we nu gewend zijn. Parallellen met de financiering van het spoorwegnet en de Deltawerken liggen voor de hand: gedeeltelijk zullen publieke middelen nodig zijn. Als de overheid hier zekerheden biedt – bijvoorbeeld in de vorm van een plafondstructuur in kosten voor de afnemer – verdient ze die deels terug: juist wanneer elektrificatie los komt kunnen netbeheerders meer inkomsten uit hun aansluitingen verdienen en zijn er minder publieke middelen nodig. Het is goed verdedigbaar om deze uitgaven aan energieinfrastructuur onder de nieuwe NAVO-norm van 5% te laten vallen. We vergroten er immers onze geopolitieke weerbaarheid mee.
  • Verlaag de belasting op duurzaam opgewekte elektriciteit, vooral voor huishoudens en energieintensieve industrieën. De Europese Commissie geeft het ook aan in het Europees Actieplan voor betaalbare energie. Een verlaging is een noodzakelijke stap om elektrificatie aantrekkelijk te maken en fossiele brandstofafhankelijkheid te verminderen. Nederland kan hier snel stappen zetten.
  • Grootverbruikerskortingen op duurzame energie en/of andere positieve prikkels passend bij het nieuwe energiesysteem en internationale concurrentie kunnen blijven bestaan, mits bedrijven concreet werk maken van energiebesparing en duurzame energie, en gecommitteerd zijn aan een ambitieus verduurzamingsplan om voor 2040 te verduurzamen in Nederland. Het EU-Clean Industrial State Aid Framework (CISAF) geeft hier ruimte voor.

Prikkels voor grijze krimp

Emissiereductie is belangrijk, naast een focus op het mogelijk maken van groei in goede alternatieven.

  • Kijk naar één of meerdere alternatieven voor de CO2-heffing die alsnog de benodigde emissiereductie borgt naast bestaande Europese instrumenten. Houd hierbij het handelingsperspectief voor bedrijven scherp voor ogen. De gezamenlijke denkkracht in de Overlegtafel CO2-heffing kan focussen op borging van emissiereductie én perspectief op groene groei, in een gezonde en effectieve beleidsmix.
  • De ambities van de overheid rondom Maatwerk zijn inmiddels afgeschaald. Wat ons betreft moet de ambitie juist omhoog! Maatwerk moet niet langer alleen gaan over gedeeltelijke decarbonisatie tot 2030, maar over het volledige pad naar Net Zero in 2040. Geef met een goede invulling van de randvoorwaarden door de overheid en een bindend keuzemoment meer urgentie aan de Maatwerkgesprekken. Bedrijven hebben daarbij drie opties:
  • Optie 1: Emissievrij. Met een overtuigend plan om in uiterlijk 2040 een netto emissievrije fabriek te zijn, met een mooie tussenstap in 2030, staan deze bedrijven vóór in de rij voor financiële ondersteuning vanuit maatwerkafspraken en reguliere regelingen (SDE++ en OWE), voor een grotere netaansluiting en voor snelle procedures vanuit overheden.
  • Optie 2: Exitroute. Het bedrijf maakt afspraken over geregisseerde sluiting (incl. sociaal plan), als het onvoldoende perspectief om emissievrij te ondernemen ziet. Dit bedrijf ontvangt middelen via de maatwerkafspraken, vergelijkbaar met het eerdere ‘kolenfonds’. De overheid draagt bij omwille van sociale redenen, en omdat het bedrijf Nederland helpt te voldoen aan de Klimaatwet.
  • Optie 3: Afwachten. Het bedrijf concludeert dat de onzekerheden te groot zijn en wacht af hoe de markt en het ETS zich ontwikkelen. Dit bedrijf staat dan wel achter in de rij voor ondersteuning.
  • Bedrijven kunnen meer doen aan energiebesparing, help hen hierbij met kennisdeling en kwantitatief en kwalitatief goede handhaving op de energiebesparingsplicht. Er is voldoende capaciteit in de sector, het geeft kostenreductie bij bedrijven, en veel besparingsmaatregelen verminderen bovendien netcongestie. De Algemene Rekenkamer becijferde dat 1,7 Mton CO2 (en 46 PJ) extra besparing te halen is door extra handhaving, met een noodzakelijk budget van €40 miljoen, circa €25 miljoen extra vergeleken met de afgelopen jaren. Een programma in oprichting kan goed helpen in kennisdeling. Daarnaast kan een verbod op de verkoop en het in bezit hebben van niet-energiezuinige equipment en reserve-onderdelen geïntroduceerd worden. Hierdoor worden naleving en handhaafbaarheid verhoogd.

De gouden combinatie tussen grijze krimp én groene groei

Hoe kunnen we grijze krimp én groene groei aantrekkelijk maken? Zodat beide tegelijk gestimuleerd worden, of dat de pijn van het één verzacht wordt door het ander.

  • Geef bedrijven die serieus werk maken van verduurzaming een extra beloning voor hun groene groei. Koop met een bonus emissierechten op die over zijn vanwege vergroening. Dit haalt overbodige rechten uit de markt en geeft bedrijven een extra stimulans om groen te kunnen groeien.
  • Zet een fonds op, met als voorbeeld het Kolenfonds, zodat werknemers die door grijze krimp hun baan in de vervuilende industrie verliezen een steun in de rug krijgen met scholing, begeleiding en zo nodig tegemoetkoming bij inkomensverlies. Zo is er zekerheid dat zij van werk naar werk geholpen worden en gaan kennis en schaarse menskracht niet verloren, maar worden deze ingezet voor groene groei.

Randvoorwaarden op orde, zodat gewenste ontwikkelingen ook kúnnen

Uitstekende randvoorwaarden zijn cruciaal om ons nieuwe verdienmodel veilig te stellen. Hoewel er hard gewerkt wordt, gaat uitbreiding van de infrastructuur voor elektriciteit, CO2 en waterstof te langzaam.

  • Netcongestie is een flinke uitdaging voor veel bedrijven. Met lokale opwek, zoals zon, wind en opslag zijn er goede mogelijkheden om ook ten tijde van een vol stroomnet te kunnen verduurzamen. De combinatie van zonne- en windenergie, opslag en onderlinge energielevering werkt het best. Dit bespaart ondernemers veel geld, de jaarlijkse energiekosten dalen tot vijftig procent. Help hen hierbij.
  • Samenwerking tussen bedrijven op een bedrijventerrein is cruciaal om de baten van hernieuwbare energie optimaal te benutten, waarbij gezamenlijke investeringen kunnen leiden tot nieuwe groeimogelijkheden zonder uitbreiding van het elektriciteitsnet. De overheid kan helpen bij nieuwe samenwerkingsvormen tussen bedrijven.
  • Blijf kijken naar mogelijkheden om uitbreiding van energie-infrastructuur te versnellen, met name bij ruimtelijke- en omgevingsprocessen. In het kader van stikstofregelgeving zijn er kansen bij het toepassen van de ADC-toets.