Rob Jetten, D66: “Dit is het groenste regeerakkoord ooit.”

“We gaan het fossiele tijdperk achter ons laten,” zegt Rob Jetten, die sinds enkele weken de energiewoordvoerder van D66 in de Tweede Kamer is. Hij schetst de mogelijkheden om de 55 procent CO2-reductie in 2030 uit het regeerakkoord te halen. “Bijna elke technologische oplossing is er al. Marktpartijen zitten te wachten om die technieken grootschalig toe te passen.” De markt staat ook aan de lat voor CO2-opslag, vindt hij. “De overheidsfocus moet liggen bij wind, zon en andere duurzame energie. Ik ga helpen zorgen dat we dit regeerakkoord, dat op papier het groenste ooit is, ook echt waarmaken.”

Wat viel u op  tijdens de klimaattop in Bonn?
“Ik viel met mijn neus in de boter. Het was hartstikke leuk dat ik in de eerste twee weken van mijn energie-woordvoerderschap al naar de klimaattop kon. We waren er met een goede mix van oppositie en coalitie: D66, VVD, GroenLinks en Partij voor de Dieren. Het Nederlandse regeerakkoord is ook in het buitenland positief ontvangen. Andere landen willen samen met Nederland een kopgroep vormen. Nederland was lang het vieste jongetje van de klas, maar nu gaan we weer voorop lopen. Het viel op dat het bedrijfsleven en milieu-organisaties elkaar weten te vinden. Voorheen waren dat aparte werelden, hoorde ik. Nu ziet iedereen dat we op een kantelpunt staan en met elkaar aan de slag moeten. De NGO’s zijn constructiever en bedrijven weten dat de CO2-prijs omhoog moet. Ik ben heel trots op dit groenste regeerakkoord ooit.”

Waarom is dit het groenste regeerakkoord?
“Het regeerakkoord zet fors in op CO2-reductie. We willen 55 procent CO2 besparen in 2030. We willen ook een CO2-reductie per beleidsterrein. Ik zou het liefst een CO2-doelstelling aan elke minister meegeven. Daarmee wordt het een verantwoordelijkheid van iedereen. Ik zal er bovenop zitten dat Eric Wiebes al zijn collega’s daar aan houdt. Dit was ook de gedachte achter de klimaatwet van Diederik Samsom en Jesse Klaver. Het wordt nu dankzij het regeerakkoord ook geaccepteerd door VVD en CDA.”

Welke drie punten moeten er volgens u in de komende vier jaar geregeld worden in het energiebeleid?
Ten eerste moeten we toe naar een reële CO2-prijs van minimaal dertig euro per ton, plus een opslag voor de energiesector om de vergroening aan te jagen. We maken groene energie aantrekkelijker, door een prijs te vragen voor CO2-uitstoot. De kolencentrales moeten zo snel mogelijk dicht.

Ten tweede gaan we de gasvraag snel naar beneden krijgen. Vanwege de veiligheid in Groningen, maar ook omdat we van onze verslaving aan gas af moeten. We moeten de industrie daarbij helpen en woningen verduurzamen door isolatie en het uitfaseren van cv-ketels. We hebben nog te weinig gedaan om de gasvraag naar beneden te brengen. Zolang we nog 96 procent van de woningen met gas verwarmen, kunnen we niet snel genoeg de gaswinning verminderen.

Ten derde vind ik ruimte voor eigen initiatief belangrijk. In Nijmegen, waar ik fractievoorzitter in de gemeenteraad was, heb ik veel initiatieven gezien: windmolens van inwoners en coöperaties, zonnepanelen op sportclubs en scholen. Zulke initiatieven zijn kleinschalig, maar hebben wel grote invloed. De overheid moet snel duidelijkheid verschaffen, ook over financiering. Dat creëert rust, waarbinnen initiatieven kunnen opbloeien.

Wat vindt u van de vernieuwing van de salderingsregeling voor zonnepanelen, per 2020?
“Wiebes moet hier al snel laten zien wat zijn denkrichting is. Hoe zou een verbeterde regeling eruit zien? Dat is nodig, want onzekerheid remt de ontwikkelingen.”

Hoe wilt u bereiken dat alle woningen van het gas af gaan?
“Nieuwbouw moeten we niet meer op gas aansluiten. Dat gebeurt al op veel plekken niet meer. ‘Nul op de meter’ moet standaard worden bij nieuwbouw. In de bestaande bouw kunnen particulieren veel doen. Elk jaar zijn duizenden cv ketels toe aan vernieuwing. We moeten voorkomen dat er over tien jaar opeens een big bang nodig is en we in één keer om moeten, waardoor er minder draagvlak zal zijn.  Als we nu al aangeven dat er over zoveel jaar geen gas meer zal zijn, maar bijvoorbeeld een warmtepomp, dan blijft het behapbaar voor de consument. We zullen stoppen met een paar dingen die zo vies zijn dat we ze niet meer willen. Het financieel aantrekkelijk maken van alternatieven hoort daar bij. Investeringen in isolatie en verwarmen zonder gas zullen nodig zijn. Het hele palet aan instrumenten zullen we nodig hebben.”

Welke taakverdeling tussen overheid en markt is volgens u ideaal?
“Ik zie drie hoofdrolspelers: de overheid, de markt, en de mensen onderling. De overheid mag wat mij betreft nog meer sturen: ze moet aangeven per wanneer de kolencentrales dicht gaan en vanaf welk jaar er geen cv’s op gas meer zullen zijn.  En ze moet groene alternatieven aantrekkelijker maken. De markt heeft veel ideeën. Bijna elke technologische oplossing is er al. Marktpartijen zitten te wachten om die technieken grootschalig toe te passen. Ze willen er ook geld mee kunnen verdienen. Dat zorgt ook voor nieuwe banen.

En ook de mensen onderling zijn belangrijk. Duurzame energie moet niet iets zijn van alleen de grote jongens die windparken op zee aanleggen, maar juist ook van coöperaties en straatverenigingen, die samen zonnepanelen of een windmolen neerzetten of gezamenlijk hun woningen aanpakken. Daar halen mensen ook plezier uit. In Nijmegen heb ik er mooie voorbeelden van gezien. Mensen uit de stad bezitten daar de aandelen van de windmolens. Dat heb je nodig om knop om te zetten.”

Dreigen de doelen voor duurzame energie en energiebesparing niet onder te sneeuwen, nu het regeerakkoord alleen focust op CO2-reductie?
“Dat is een terechte vraag; die heb ik meer gekregen. D66 blijft alert. Groene energie is belangrijk en energiebesparing heb je nodig om Parijs te halen. Als we massaal inzetten op CO2-reductie, dan volgen de andere twee doelen. Door het verhogen van de CO2-prijs zullen kolencentrales überhaupt niet meer rendabel zijn. Omdat de vraag naar stroom blijft, moeten we wel overstappen op duurzame energie.”

Dreigt niet het gevaar dat we nu vooral het laaghangende fruit plukken voor CO2-reductie en op langere termijn het doel niet halen?
“Daar zijn we in de Tweede Kamer alert genoeg op. We verlagen de CO2-uitstoot echt fors, dat red je niet met alleen laaghangend fruit. We zullen kritisch blijven kijken over een aantal jaren. Ik heb bij Wiebes tot nu toe de drive gezien dat dit ons gaat lukken. Dat vind ik bijzonder voor een VVD minister. Er heerst een vibe bij bedrijven en bij NGO’s. We staan op een kantelpunt. Groen wordt de normaalste zaak van de wereld. We gaan het fossiele tijdperk achter ons laten.”

Hoe kijk je aan tegen opslag van CO2?
“Plat gezegd: de beste CO2 besparing is CO2 die we niet hebben uitgestoten. CCS (CO2-opslag) mag geen reden zijn om kolencentrales open te houden. Die moeten gewoon dicht. We stoppen met fossiele brandstof. Voor de zware industrie, de chemie en de havens is het lastig om in 15 jaar helemaal CO2 neutraal te zijn. CCS kan een goede kans zijn om hen minder schade te laten doen. We kiezen dan liefst voor CCU (gebruik van CO2), anders voor CCS. Dit mag niet ten koste gaan van de vergroening. Ook in de financiering van CCS gaan wij kritisch kijken hoe we dat gaan doen. Marktpartijen staan aan de lat hiervoor en de overheid kan helpen, maar de overheidsfocus moet liggen bij wind, zon en andere duurzame energie.”

CCS dreigt wel betaald te worden uit de subsidie voor duurzame energie.
“Invest NL kan een rol vervullen in de financiering. Met een hogere CO2-prijs, wordt CCS een business case. We moeten voorkomen dat we alleen met CCS bezig zijn. Het gaat om de echte technieken van de toekomst.”

Welk woord karakteriseert de stand van zaken van de energietransitie?
“Kruispunt. In Bonn was het fascinerend om te zien dat de Amerikanen één evenement organiseerden en dat ging over de toekomst van kolen, gas en schaliegas. Zij blijven krampachtig geloven dat die nog toekomst hebben. Terwijl de energiesector en de rest van de conferentie al weet dat we dat achter ons gaan laten. We moeten niet conservatief in de achteruitkijkspiegel blijven kijken naar hoe het vroeger was. We hebben de juiste richting uitgezet in het regeerakkoord.”

U heeft ook gaswinning en schone auto’s in uw portefeuille. Wat wilt u hierop bereiken?
“Voor schone auto’s voorzie ik in de komende tien jaar een omslag. Alle grote merken gaan schone varianten produceren, en ook betaalbare modellen. Daar is wel een groter laadnetwerk voor nodig. Steden krijgen de mogelijkheid om elektrische auto’s te stimuleren door lagere parkeertarieven en om milieuzones in te stellen. Ik was vorige week op werkbezoek bij OV-bedrijf Arriva. Binnenkort kan het stadsvervoer emissieloos zijn. In Venlo zijn de chauffeurs laaiend enthousiast en het comfort in elektrische bussen is groter. En het zorgt voor schone lucht in onze binnensteden. Het gaat hard. In 2030 stopt de verkoop van fossiele auto’s. Ook tot 2030 kan het snel gaan.

Wat betreft de gaswinning vind ik dat de Kamer nu moet focussen op hoe we de gasvraag naar beneden kunnen krijgen. Er is al een mooie daling afgesproken in het regeerakkoord, maar het kan nog harder. Dat moet prioriteit krijgen van Wiebes. In Groningen moet de schadeafhandeling onafhankelijk geregeld worden en recht doen aan de Groningers.”

Waar verheugt u zich het meest op in de komende kabinetsperiode?
“Dat we voor elkaar krijgen dat duurzaam en groen voor iedereen bereikbaar worden. Niet alleen voor de happy few, die twaalf zonnepanelen en een Tesla kunnen betalen. Maar ook in sociale huurwoningen. Groen moet normaal worden. Dat kan met dit kabinet. In Europa komt Nederland meer in de groene kopgroep. Dat kan met de ambitie 55 procent CO2 te reduceren. En met maatregelen zoals de kilometerheffing voor vrachtwagens en de kerosineheffing.”

Op welke technologische doorbraak op energiegebied hoopt u?
“Ik was onlangs bij Wetsus in Leeuwarden. Ze doen veel onderzoek naar blue energy en gassed power. Ons water, het vele water in en om Nederland, kan als aanvullende techniek een rol spelen in de groene mix. Dat biedt hoogwaardige werkgelegenheid. Er zal veel windcapaciteit bijkomen op zee. Goede technologische doorbraken voor opslag en transport gaan heel erg helpen. We willen windenergie kunnen omzetten in gasvorm, bijvoorbeeld als waterstof, zodat je het kunt opslaan. Al die gasbuizen lopen er al, vanaf de boorplatforms. Zo zou je pieken in vraag en aanbod kunnen opvangen.”

Wat neemt u mee vanuit uw ervaring buiten de Kamer?
“Ik woon in Nijmegen en was er fractievoorzitter voor D66. Nijmegen is uitgeroepen tot European Green Capital in 2018. Voor het eerst is dat een Nederlandse stad. Dit is Nijmegen gelukt door gewoon aan de slag te gaan. Ik merkte het ook in de spoor- en bouwsector, waar ik voorheen werkte. We kozen bijvoorbeeld voor experimentele bielzen met 80 procent minder CO2-footprint. Die mentaliteit helpt: niet alleen veel praten, maar vooral aan de slag gaan. Ik ben de woordvoerder van de groenste partij in de coalitie. Ik wil helpen zorgen dat we dit regeerakkoord, dat op papier het groenste ooit is, ook waarmaken.”

 Wat vindt u van de NVDE?
“De kracht van de NVDE is dat zij de hele keten vertegenwoordigt: productie, vervoer, leveranciers, netbeheerders en meer. De energietransitie lukt alleen als we het samen doen. Ik zie ook een grote potentiële rol voor de NVDE in het nieuwe klimaat- en energieakkoord. Dat kunnen we wel in Den Haag gaan bedenken, maar dat werkt niet. We willen juist samen met het bedrijfsleven en de maatschappij afspraken maken. Het is mooi dat de NVDE een platform is waar alle belanghebbenden elkaar al ontmoeten. Daardoor kan de NVDE een belangrijke speler zijn die helpt om tot een nieuw akkoord te komen en kan zij nieuwe ontwikkelingen ondersteunen.”