Klimaat triatlon in drie stappen

Olof van der Gaag presenteert drie stappen waarmee de klimaatdoelen van 2020 kunnen worden gehaald, maar we mogen ons op voorhand niet rijk rekenen. 

Doelen stellen is leuk. Maar doelen halen, is nog veel leuker. Het genoegen van het eerste kennen we vrij goed in Nederland: er zijn al vele mooie, motiverende doelen vastgesteld. De voldoening van het halen van doelen is schaarser. Regelmatig blijkt dat we te weinig hebben gedaan om voldoende vooruit te komen. Voor 2020 had Nederland een heuse triatlon staan: 14% duurzame energie, 100 petajoule energiebesparing en 25% minder broeikasgassen. Op alle drie de terreinen is veel gebeurd, maar niet genoeg, concludeerde PBL op 25 januari. We moeten volgend jaar tenminste zorgen voor 1,8% meer duurzame energie, 19 petajoule (PJ) extra energiebesparing en extra reductie van 9 megaton broeikasgassen. De belangrijkste les is natuurlijk dat het ‘reken-je-rijk beleid’ geen recept is voor succes. Ik schreef al eerder op Energiepodium dat het veel verstandiger is om calvinistisch te rekenen. Je kan beter vooraf meer maatregelen te nemen, zodat de kans op meevallers minimaal even groot is als die op tegenvallers. Laten we dit ook doen bij het Klimaatakkoord en zorgen dat we ook af en toe krantenkoppen krijgen als ‘doelen klimaatakkoord alweer overtroffen’.

Nuchter kijken helpt wél. Klagen helpt niet.

Voor 2020 helpt het vooral om zo nuchter mogelijk te kijken naar wat er nog wél kan. Klagen over hoe het zo heeft kunnen komen, helpt niet. Zeggen dat de doelen eigenlijk dom zijn, helpt ook niet. En door bij voorbaat het hoofd in de schoot leggen, is al helemaal geen mentaliteit om een triatlon mee te volbrengen.
Het mooiste is natuurlijk om zoveel mogelijk dingen te doen, die ook helpen in de transitie op de langere termijn, allereerst voor het klimaatakkoord en de doelen in 2030. Het is ook handig om te beginnen bij de doelen van het energieakkoord voor duurzame energie en besparing, want die leiden automatisch tot minder CO2.
Maar hoe komen we nu succesvol door de triatlon? Daar moeten we drie stappen voor nemen:

  1. Duurzame energie
    Voor grote nieuwe projecten is natuurlijk geen tijd meer, maar wat wel kan, is bijvoorbeeld zonneprojecten sneller aansluiten op het net. Dit betekent een extra stimulans voor grotere zonnedaken en voor duurzame warmte uit geothermie en biomassa. Dit levert voor ongeveer 1% meer duurzame energie op en twee Megaton CO2-reductie. Dit is nog steeds niet genoeg voor onze Europese verplichting van 14%. Daarvoor zou bijvoorbeeld ook nog een (omstreden) verhoging van de bijmenging van biobrandstoffen uit de hoge hoed kunnen komen. Overigens verwacht ik wel dat we de doelstelling voor 2023 halen of zelfs overtreffen. Vermoedelijk wekken we straks 16% duurzame energie op.
  2. Besparing
    Het versneld isoleren van huizen is overal goed voor. Bewoners krijgen een lagere energierekening en een comfortabeler huis en zo realiseren we ook de doelen voor 2020. Door de subsidie hiervoor uit het klimaatakkoord naar voren te halen en tevens het budget voor de subsidie voor duurzame warmte (ISDE) uit te breiden, ontstaat hier versnelling. Het telt niet erg op in Megatonnen, maar is hoe dan ook zinnig. De megatonnen zullen wat harder gaan in de zakelijke markt. De industrie lijkt de eigen doelen voor besparing te halen. Het ligt dus meer voor de hand om eventuele versnelling te bereiken via de ‘wortel’ dan via de ‘stok’. Thermische isolatie heeft volgens een studie van Ecofys uit 2012 flinke potentie: Dat levert 31 PJ extra op en een besparing van 2,1 Megaton. Het is ook snel realiseerbaar en zeer kosteneffectief. Het PBL spreekt van positieve nationale kosten. Dat zijn dus opbrengsten.
  3. Kolencentrales
    Omdat duurzame energie en besparing niet voldoende CO2-reductie zullen opleveren, zijn er extra maatregelen nodig. Het meest voor de hand ligt dan de sluiting van kolencentrales. Wanneer bijvoorbeeld de Hemwegcentrale en de (te koop staande) Engie-centrale sluiten, scheelt dat ongeveer vijf megaton. Gascentrales en import kunnen dat opvangen, zonder problemen voor de leveringszekerheid. Er moeten dan wel afspraken komen met deze bedrijven over onder andere de kosten en de zorg voor het personeel.

Bij deze drie stappen geldt ook dat we liever iets te veel dan iets te weinig maatregelen nemen. Er is bijvoorbeeld een reële kans dat het gat meer bedraagt dan 9 Megaton. Het PBL heeft al twee jaar op rij de stroomimport te hoog ingeschat. Daarbij telt de bijbehorende CO2 niet mee voor Nederland. Het PBL geeft nu ook aan dat er een grotere kans is op minder import dan op meer import. Minder import betekent meer CO2 in Nederland. Het is dus noodzaak om meer maatregelen te nemen om deze uitstoot voldoende terug te dringen. Daarom hoor ik heel graag andere praktische voorstellen daarvoor. We hebben nog twee maanden de tijd, dus ik reken op creativiteit.

Olof van der Gaag schreef deze blog op energiepodium.nl.